IgA-nefropathie (ziekte van Berger): symptomen, urine- en bloedonderzoek en behandeling

IgA-nefropathie, ook wel de ziekte van Berger genoemd, is de meest voorkomende nierfilterontsteking bij volwassenen. De meeste mensen ontdekken het nadat een gewoon urineonderzoek bloed of eiwit laat zien dat er niet hoort. De naam komt van een afweerstof, immunoglobuline A (IgA), die zich ophoopt in de kleine filtertjes van de nier. Veel mensen hebben de ziekte jarenlang zonder iets te merken. Juist daarom zijn de getallen op je labuitslag hier zo belangrijk.
In dit artikel lees je hoe IgA-nefropathie verloopt, welke symptomen aandacht verdienen en hoe urine- en bloedonderzoek naar de diagnose leiden. We bespreken de onderzoeken waar nierartsen (nefrologen) op vertrouwen, wat een nierbiopsie toevoegt, hoe de behandeling sinds 2023 is veranderd en welke vragen je bij je volgende afspraak kunt stellen. We ruimen ook de veelvoorkomende verwarring op met de ziekte van Buerger, een heel andere ziekte met bijna dezelfde naam.
Wat is IgA-nefropathie?
IgA-nefropathie is een ziekte waarbij een afwijkende vorm van de afweerstof IgA vastloopt in de nierfilters en daar een langdurige ontsteking geeft. Elke nier heeft ongeveer een miljoen piepkleine filtertjes, de glomeruli. Bloed stroomt erdoorheen; afvalstoffen en overtollig water gaan als urine naar buiten, nuttige eiwitten en bloedcellen blijven achter. Bij IgA-nefropathie ziet je afweersysteem de afwijkende IgA als vreemd. De klontjes die zo ontstaan, nestelen zich in het mesangium, het steunweefsel in het midden van elk filter. De nier reageert met een sluimerende ontsteking. Na jaren kan die ontsteking littekens geven en kan de nier steeds minder goed filteren.
Volgens de Nierstichting is IgA-nefropathie de meest voorkomende vorm van nierfilterontsteking bij volwassenen. Van elke 3 patiënten zijn er 2 man, en bij de meeste mensen wordt de diagnose gesteld tussen hun 20e en 40e jaar. De arts Berger beschreef de ziekte voor het eerst in 1968. In Oost-Azië komt de ziekte veel vaker voor, mede omdat jongeren daar in een aantal landen standaard een urinestick krijgen en stille gevallen dus eerder worden gevonden.
IgA-nefropathie verloopt niet bij iedereen hetzelfde. Sommige mensen houden tientallen jaren een stabiele nierfunctie met alleen bloeddrukbehandeling en controles. Volgens de Nierstichting krijgt ongeveer 15 tot 25% binnen 10 jaar en 20 tot 30% binnen 20 jaar na de diagnose nierfalen, waarbij dialyse of transplantatie nodig is. Hoe je je voelt, voorspelt niet welke kant het op gaat. De beste voorspeller is hoeveel eiwit je nieren in de loop van de tijd lekken.
Ziekte van Berger is niet de ziekte van Buerger
De twee namen klinken bijna hetzelfde en worden voortdurend verward. Behalve de spelling hebben ze niets met elkaar te maken. De ziekte van Berger is een afweerziekte van de nieren, genoemd naar de Franse patholoog Jean Berger. De ziekte van Buerger is een ziekte van de bloedvaten in armen en benen, sterk gekoppeld aan roken, genoemd naar de Amerikaanse arts Leo Buerger. De tabel hieronder houdt ze uit elkaar.
| Kenmerk | Ziekte van Berger (IgA-nefropathie) | Ziekte van Buerger (thromboangiitis obliterans) |
|---|---|---|
| Welk orgaan | De nieren, vooral de filtertjes | Kleine en middelgrote slagaders en aders van handen en voeten |
| Wat gaat er mis | Afweercomplexen met IgA slaan neer in de nierfilters | Ontsteking en stolsels blokkeren de bloedstroom naar armen en benen |
| Belangrijkste risicofactor | Aanleg en afweer; soms komt het in de familie voor | Roken, bij bijna iedere patiënt |
| Typische signalen | Bloed of eiwit in de urine, schuimende urine, zwelling, stijgende bloeddruk | Pijn in vingers en tenen, gevoelig voor kou, zweren, weefselverlies |
| Onderzoeken die het aantonen | Urineonderzoek, eiwit-kreatinineratio, kreatinine en eGFR, nierbiopsie | Beeldvorming van de bloedvaten, angiografie, lichamelijk onderzoek |
| Leeftijd bij begin | Vaak tussen tienerjaren en midden dertig | Meestal onder de 45, bijna altijd bij rokers |
Wat zijn de symptomen van IgA-nefropathie?
Het typische symptoom van IgA-nefropathie is zichtbaar bloed in de urine binnen een dag of twee na een keelontsteking, verkoudheid of darminfectie. De urine wordt roze, theekleurig of colakleurig en wordt daarna in een paar dagen weer helder. Dat moment is kenmerkend: bij een blaasontsteking volgt bloed pas op de infectie, hier komen de twee bijna tegelijk. Veel mensen hebben zo’n episode meerdere keren, jaren uit elkaar, voordat iemand verder gaat zoeken. De Nierstichting noemt als symptomen: bloed in de urine, eiwit in de urine, een slechtere nierfunctie, hoge bloeddruk en vocht vasthouden in de benen.
Tussen die episodes in merk je vaak niets en zit er alleen bloed in de urine dat een laboratorium kan vinden. Daarom worden zoveel gevallen bij toeval ontdekt, bijvoorbeeld door bloed- of urineonderzoek via de huisarts. Als er wel klachten zijn, zijn dat meestal:
- Schuimende urine die na het doortrekken blijft staan, een teken dat er eiwit door de filters lekt
- Zwelling van enkels, voeten, handen of rond de ogen, vooral aan het eind van de dag
- Een doffe pijn in de rug onder de ribben
- Een bloeddruk die gaat stijgen bij iemand die dat nooit had
- Ongewone moeheid of minder trek als de nierfunctie achteruitgaat
Omdat de zichtbare episodes komen en gaan, denken mensen vaak dat het probleem vanzelf over is. Dat is zelden zo: juist in de stille fase daartussen ontstaan littekens, en alleen labcontroles laten dan zien wat er gebeurt. Wie ook maar één keer bloed in de urine heeft gezien, moet verder onderzocht worden. Thuisarts zegt: bel je huisarts als je bloed in je urine ziet. Veel patiënten lezen later de uitleg over bloed in de urine om te begrijpen wat het laboratorium heeft gevonden.
Hoe ontstaat IgA-nefropathie?
IgA-nefropathie ontstaat in vier stappen, en pas de hele reeks samen maakt je ziek. Eerst maakt het lichaam een ongewone IgA waarvan een deel van het normale suikerlaagje ontbreekt. Daarna herkent het afweersysteem die kale plek en maakt er antistoffen tegen. Vervolgens plakken de twee samen tot afweercomplexen die in het bloed rondgaan. Ten slotte slaan die complexen neer in de nierfilters en geven daar ontsteking. Elke stap op zich doet geen kwaad.
De afwijkende IgA wordt vooral gemaakt in de slijmvliezen van keel en darm. Dat verklaart waarom opvlammingen volgen op infecties op die plekken, en waarom één nieuwe behandeling zich richt op het afweerweefsel in de darm in plaats van op de nier. Volgens de Nierstichting spelen ook een infectie, een andere ziekte, IgA-vasculitis (ziekte van Henoch-Schönlein) en erfelijke aanleg een rol.
Wie heeft meer kans op IgA-nefropathie?
- Familie: familieleden hebben een hoger risico, en er zijn meerdere genen bekend die de kans verhogen, al veroorzaakt geen enkel gen het op zichzelf
- Afkomst: de ziekte komt het meest voor in Oost-Azië en het minst bij mensen van Afrikaanse afkomst
- Geslacht: in westerse landen krijgen mannen vaker de diagnose dan vrouwen
- Leeftijd: de ziekte begint meestal in de tienerjaren of jonge volwassenheid, maar de diagnose kan op elke leeftijd
- Andere ziekten: levercirrose, coeliakie, chronische darmontsteking en sommige langdurige infecties kunnen een tweede (secundaire) vorm geven
Niets in je voeding, hoeveel je drinkt of hoe je sport veroorzaakt IgA-nefropathie. Dat is belangrijk, want veel patiënten komen bij hun eerste afspraak met de nierarts binnen met het idee dat ze iets fout hebben gedaan. Dat is niet zo. Leefstijl bepaalt hoe snel de ziekte verloopt, niet of ze begint.
IgA-nefropathie in je urine- en bloeduitslag
Geen enkele bloedtest stelt de diagnose IgA-nefropathie op zichzelf. IgA in het bloed is maar bij een minderheid van de patiënten verhoogd, en een normale waarde sluit niets uit. De diagnose volgt uit een patroon in meerdere urine- en bloedwaarden, die je over maanden volgt in plaats van één keer leest.
Wat urineonderzoek laat zien
Urineonderzoek is de eerste stap. Het vindt bloed dat je niet met het blote oog ziet en schat hoeveel eiwit er lekt. Onder de microscoop zijn twee bevindingen extra belangrijk: rode bloedcellen met een vervormde vorm, die beschadigd raakten toen ze door ontstoken filters werden geperst in plaats van uit de blaas te bloeden, en buisvormige klontjes die in de nierbuisjes zijn gevormd. Een analist bevestigt dit in een urinesediment onder de microscoop, en soms meldt de uitslag cilinders van rode bloedcellen als teken dat het bloed uit de nierfilters komt.
Daarna meet het lab hoeveel eiwit er lekt. Een urinestick geeft alleen een grove schatting, dus artsen gebruiken een verhouding die corrigeert voor hoe geconcentreerd de urine is. Nefrologen volgen meestal de albumine-kreatinineratio in de urine en de verwante eiwit-kreatinineratio, liefst in ochtendurine. In Nederland staat de albumine-kreatinineratio (ACR) op je uitslag in mg/mmol; volgens de NHG-Standaard Chronische nierschade is een ACR van 3 mg/mmol of hoger verhoogd en boven 30 mg/mmol ernstig verhoogd. Sommige ziekenhuizen vragen nog een 24-uurs urineverzameling, en bij controles wordt opnieuw het eiwit in de urine gemeten om te zien of de behandeling werkt.
Wat bloedonderzoek toevoegt
Bloedonderzoek meet de gevolgen, niet de oorzaak. Het lab meet je kreatininewaarde, een afvalstof die zich ophoopt als de nier minder goed filtert. In Nederland staat kreatinine in µmol/L op je uitslag. Daaruit berekent het lab de eGFR (geschatte nierfunctie), in ml/min/1,73 m², het getal waarmee de nierfunctie in stadia wordt ingedeeld. Volgens het NHG is er sprake van chronische nierschade bij een eGFR onder 60 en/of een verhoogde ACR die minstens drie maanden aanhoudt. Een nierpanel meet ook het ureum in het bloed, kalium, bicarbonaat en albumine. Antinucleaire antistoffen (ANA), complement en hepatitisserologie worden vooral aangevraagd om andere oorzaken van nierfilterontsteking uit te sluiten.
| Onderzoek | Wat het meet | Waarom het belangrijk is bij IgA-nefropathie |
|---|---|---|
| Urineonderzoek met sediment | Bloed, eiwit en de vorm van cellen in de urine | Vindt onzichtbaar bloed en laat zien of het uit de nier of de blaas komt |
| Albumine-kreatinineratio (ACR) | Lekkage van albumine, gecorrigeerd voor de concentratie van de urine | De beste maat voor risico en voor het effect van de behandeling |
| Eiwit-kreatinineratio | Totale eiwitlekkage in één plasje | Om behandeldoelen te stellen en te volgen zonder 24-uurs verzameling |
| Kreatinine in het bloed | Afvalstof uit de spieren die de nier opruimt | Stijgt als de nier minder filtert; basis voor de eGFR |
| eGFR | Berekende filtercapaciteit | Deelt de nierfunctie in en laat zien hoe snel die per jaar daalt |
| Bloeddruk | Druk in de slagaders | Zowel gevolg van nierschade als oorzaak van verdere schade |
| Nierbiopsie | Nierweefsel onder de microscoop | De enige manier om IgA-neerslagen te bevestigen en de schade te beoordelen |
Hoe wordt de diagnose gesteld?
De diagnose IgA-nefropathie wordt bevestigd met een nierbiopsie; dat is de enige test die zekerheid geeft. Onder plaatselijke verdoving neemt een specialist met behulp van echografie één of twee dunne stukjes weefsel weg, meestal in dagbehandeling. Een patholoog kleurt het weefsel met een fluorescerende kleuring die IgA in het mesangium laat oplichten. Dat oplichtende patroon is de diagnose; alles daarvoor is een vermoeden.
De biopsie geeft ook een score voor de schade, die pathologen MEST-C noemen. In gewone woorden: hoe vol de steuncellen van het filter zitten, hoeveel ontsteking er in de filterlussen zit, hoeveel littekenweefsel er is en of er halvemaanvormige plekken van agressieve schade zijn. Twee mensen met dezelfde urine-uitslag kunnen heel verschillende scores hebben, en de score bepaalt hoe stevig de behandeling begint.
De internationale KDIGO-richtlijn van 2025 moedigt aan om sneller te biopteren, omdat een aantal werkzame behandelingen pas mogelijk is als het weefsel de diagnose bevestigt. In Nederland werkt de Nederlandse Federatie voor Nefrologie met een eigen richtlijn IgA-nefropathie en IgA-vasculitis die op KDIGO is gebaseerd. De Nierstichting meldt dat de arts met je bespreekt of een biopsie nodig is: bij weinig eiwit in de urine en een stabiele nierfunctie verandert de uitkomst de behandeling soms niet. Het risico op een bloeding na een biopsie is klein, minder dan 1%. Bij mensen die bloedverdunners gebruiken, kan de nierarts besluiten de ziekte zonder biopsie te volgen op basis van het klinische beeld.
Behandeling van IgA-nefropathie
IgA-nefropathie is nog niet te genezen, maar het doel van de behandeling is concreet: de eiwitlekkage zo ver mogelijk omlaag brengen en daar houden. De internationale richtlijn van 2025 noemt als doel minder dan 0,5 gram eiwit per dag, liefst minder dan 0,3 gram, met een stabiele filtercapaciteit. Wie dat haalt, houdt op lange termijn veel vaker een goede nierfunctie.
De basisbehandeling voor iedereen
- Een ACE-remmer of angiotensine-receptorblokker (samen RAAS-remmers), ook bij een normale bloeddruk, omdat deze middelen de druk in de filters verlagen en de eiwitlekkage verminderen
- Een goede bloeddruk, meestal met een bovendruk rond 120 mm Hg als je dat goed verdraagt
- Een SGLT2-remmer, een middel dat voor diabetes is ontwikkeld maar ook de nieren beschermt bij mensen zonder diabetes; de Nierstichting noemt RAAS-remmers en SGLT2-remmers als eerste stap
- Minder zout: volgens de Nierstichting maximaal 6 gram per dag; daardoor werken bloeddrukmedicijnen ook beter
- Stoppen met roken, een gezond gewicht, voldoende bewegen en een hoog cholesterol behandelen als dat nodig is
- Voorzichtig zijn met regelmatig gebruik van ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s)
Veel mensen met IgA-nefropathie die met deze basis hun eiwitlekkage laag houden, hebben niets meer nodig. Wie de vaktaal nog niet kent, zoekt voor het eerste bezoek aan de nierarts vaak op wat HTN (hoge bloeddruk) betekent.
Gerichte behandeling als er te veel eiwit blijft lekken
Blijft er ondanks de volledige basisbehandeling te veel eiwit in de urine, dan voegen nefrologen een behandeling toe die op de ziekte zelf werkt. Prednison en andere corticosteroïden waren lang de standaard, maar geven echte risico’s zoals infecties en botverlies, dus ze worden nu gerichter ingezet. Nieuwere middelen werken op specifieke stappen van de ziekte: een capsule die budesonide afgeeft in het deel van de darm waar de afwijkende antistof wordt gemaakt, middelen die endothelinereceptoren blokkeren en zo de druk in de filters verlagen, complementremmers die één tak van de afweerreactie uitzetten, en antistoffen die de signalen blokkeren waardoor B-cellen foute IgA maken. Een aantal daarvan kwam de afgelopen jaren op de Amerikaanse markt, waaronder een versnelde goedkeuring door de FDA in juli 2026. Of en wanneer zo’n middel in Nederland beschikbaar en vergoed is, verschilt per middel; je nierarts weet wat er nu kan.
Als de nieren uiteindelijk falen, werken dialyse en transplantatie allebei goed. IgA kan in een getransplanteerde nier terugkomen; volgens de Nierstichting gebeurt dat dan pas na 5 tot 10 jaar. Daarom blijft ook na een transplantatie urinecontrole nodig. Sommige mensen hebben daarnaast chronische nierschade door meer dan één oorzaak tegelijk.
Wanneer ga je naar de huisarts?
- Urine die roze, rood, bruin of colakleurig wordt, ook als het maar één keer gebeurt en geen pijn doet
- Urine die meerdere dagen schuimend blijft
- Nieuwe zwelling van enkels, handen of gezicht, vooral als je ook in gewicht toeneemt
- Een nieuwe hoge bloeddruk bij iemand onder de 40
- Minder plassen, kortademigheid of aanhoudende misselijkheid
Thuisarts adviseert om dezelfde dag je huisarts of de huisartsenpost te bellen als je bloed in je urine ziet en je je ziek voelt, koorts hebt of zwanger bent. Bij levensgevaar bel je 112.
Leven met IgA-nefropathie
Bij IgA-nefropathie zijn controles je kompas, niet je klachten. De meeste mensen gaan, als het stabiel is, elke drie tot zes maanden op controle, en vaker na een wijziging in de behandeling. Bij elke controle wordt meestal het eiwit in de urine gemeten, samen met kreatinine, eGFR en de bloeddruk. De lijn over meerdere controles zegt veel meer dan één uitslag: een licht afwijkend getal dat jarenlang gelijk blijft, is heel iets anders dan hetzelfde getal dat steeds stijgt.
Praktische gewoontes helpen. Weinig zout, regelmatig bewegen, keel- en darminfecties op tijd laten behandelen en niet roken ontlasten de filters. Volgens de Nierstichting is er naast zoutarm eten geen ander dieet dat helpt bij IgA-nefropathie. Eiwit beperken wordt niet standaard geadviseerd en kan zonder begeleiding schade doen. Zwanger worden is meestal mogelijk, maar bespreek een kinderwens ruim van tevoren met je nefroloog, want een aantal medicijnen voor IgA-nefropathie mag niet in de zwangerschap. Mensen die hun eigen getallen bijhouden, noteren vaak de uitslagen van een gewoon urineonderzoek naast hun bloeddruk.
Het vooruitzicht bij IgA-nefropathie is echt beter geworden. Een generatie geleden waren ondersteunende zorg en prednison de hele gereedschapskist. Nu heeft iemand met een goed onder controle gebrachte eiwitlekkage en een normale nierfunctie een reële kans om nooit dialyse nodig te hebben, en er komen steeds meer mogelijkheden bij. Het Radboudumc in Nijmegen is in Nederland het expertisecentrum voor IgA-nefropathie, en je behandelend arts overlegt daar vaak mee.
Nieuwe wetenschappelijke inzichten
De afgelopen drie jaar is de behandeling van IgA-nefropathie meer veranderd dan in de dertig jaar daarvoor. Dit is wat het nieuwste onderzoek vond, en wat het betekent als jij of iemand dichtbij met deze diagnose leeft.
Het behandeldoel ligt lager
Een review uit 2025 die drieëntwintig studies met meer dan vijftienduizend patiënten samenvoegde, vond dat zelfs een bescheiden eiwitlekkage, op niveaus die vroeger acceptabel leken, samenging met sneller verlies van nierfunctie. Wat betekent dit voor jou: het doel is niet meer alleen het eiwit omlaag brengen, maar het zo laag krijgen als veilig kan en het daar houden. De internationale richtlijn van 2025 volgt dit met een strenger doel en eerder biopteren.
Een capsule die in de darm werkt, niet in de nier
Een gerandomiseerde studie van twee jaar, waarbij het toeval bepaalt wie het middel of een nepcapsule krijgt zodat de vergelijking eerlijk blijft, testte een budesonidecapsule die pas in het laatste deel van de dunne darm vrijkomt, waar de foute antistof wordt gemaakt. De eiwitlekkage daalde en de nierfunctie bleef beter op peil dan met alleen de basisbehandeling. Wat betekent dit voor jou: het afweerweefsel in de darm behandelen is nu een geaccepteerde manier om IgA-nefropathie af te remmen, met minder bijwerkingen dan prednison voor het hele lichaam.
Middelen die de druk in de filters verlagen
Een grote studie met atrasentan, dat een hormoon blokkeert dat bloedvaten vernauwt, liet een duidelijke daling van de eiwitlekkage zien bovenop de standaardbehandeling. Wat betekent dit voor jou: deze groep middelen beschermt de filters zonder de afweer te remmen, wat nuttig is voor mensen die afweerremmers slecht verdragen. Artsen letten vooral op vocht vasthouden als bijwerking.
Eén tak van de afweer uitzetten
Iptacopan blokkeert een stap in het complementsysteem, het deel van de afweer dat ontsteking versterkt. De volledige analyse na twee jaar, gepubliceerd in 2026, meldde dat de nierfunctie met het middel langzamer achteruitging dan met placebo. Wat betekent dit voor jou: dit is een van de eerste nieuwe behandelingen met bewijs voor het effect op de filtercapaciteit zelf, en niet alleen op het eiwitgetal dat er een voorspeller van is.
Antistoffen die bij de bron werken
Drie fase 3-studies, de grote testfase vóór een brede goedkeuring, meldden tussentijdse resultaten van middelen die de signalen blokkeren waardoor B-cellen afwijkende IgA maken: sibeprenlimab en atacicept in 2025, telitacicept in 2026. Alle drie verminderden de eiwitlekkage flink. Wat betekent dit voor jou: de productie bij de bron terugschroeven, in plaats van schade achteraf op te ruimen, wordt nu door meerdere onafhankelijke studies ondersteund. Het zijn tussentijdse uitkomsten, dus het effect op lange termijn op het behoud van de nier moet nog bevestigd worden. Een van deze middelen kwam in 2026 via een versnelde route op de Amerikaanse markt, met de verplichting om later meer bewijs te leveren.
De mogelijkheden direct vergeleken
Een netwerkanalyse uit 2025, een methode die behandelingen indirect vergelijkt die nooit naast elkaar zijn getest, voegde zevenenvijftig studies met negentien behandelingen samen. Die bevestigde dat de basisbehandeling samen met een gericht middel beter werkt dan elk van beide alleen. Wat betekent dit voor jou: er is geen behandeling die voor iedereen past; de keuze hangt af van de biopsie, de nierfunctie en wat je verdraagt. Het onderzoek gaat door, onder meer met een fase 3-studie naar felzartamab die in 2025 begon.
Al dit bewijs komt uit studies bij volwassenen met een bevestigde IgA-nefropathie en een bepaalde hoeveelheid eiwitlekkage. Het helpt bij het gesprek met je nefroloog; het vervangt dat gesprek niet.
Woordenlijst
| Begrip | Uitleg |
|---|---|
| Glomerulus | Een van de ongeveer een miljoen piepkleine filtertjes in elke nier. Meervoud: glomeruli. |
| Immunoglobuline A (IgA) | Een antistof die normaal de slijmvliezen van luchtwegen en darm beschermt. Een afwijkende vorm ervan veroorzaakt deze ziekte. |
| Mesangium | Het steunweefsel in het midden van elk nierfilter, waar de afweercomplexen neerslaan. |
| Hematurie | Bloed in de urine. Soms zichtbaar, soms alleen te vinden met laboratoriumonderzoek. |
| Proteïnurie | Eiwit dat in de urine lekt, een teken dat de nierfilters beschadigd zijn. Schuimende urine is de alledaagse aanwijzing. |
| Albumine-kreatinineratio (ACR) | Een urinemeting die albumine vergelijkt met kreatinine, zodat de uitslag vergelijkbaar blijft hoe verdund de urine ook is. In Nederland in mg/mmol. |
| eGFR (geschatte nierfunctie) | Een berekend getal dat laat zien hoeveel bloed de nieren per minuut filteren. Gebruikt om de nierfunctie in te delen. |
| Nierbiopsie | Een ingreep waarbij met een naald een klein stukje nierweefsel wordt weggenomen, zodat een patholoog het onder de microscoop kan bekijken. |
| MEST-C-score | Een beoordeling in vijf delen van wat de biopsie laat zien, met ontsteking en littekens. Helpt voorspellen hoe de ziekte kan verlopen. |
| Nefrotisch syndroom | Een patroon met heel veel eiwitverlies, zwelling en een laag albumine in het bloed. Komt bij een minderheid voor. |
Veelgestelde vragen
Is IgA-nefropathie een auto-immuunziekte?
IgA-nefropathie is een ziekte waarbij de afweer een hoofdrol speelt, wat dicht bij een auto-immuunziekte ligt maar niet precies hetzelfde is. Het lichaam valt het eigen nierweefsel niet rechtstreeks aan. Het maakt antistoffen tegen een afwijkende vorm van zijn eigen IgA, en de complexen die zo ontstaan, slaan neer in de nierfilters en geven daar ontsteking. De nier is eerder een omstander dan een doelwit. Dat onderscheid is belangrijk voor de behandeling, omdat nieuwe middelen zich richten op de plek waar de foute antistof wordt gemaakt, in plaats van de hele afweer te onderdrukken.
Wat is de levensverwachting van iemand met IgA-nefropathie?
De meeste mensen met IgA-nefropathie hebben een normale levensverwachting. Hoe het afloopt, hangt sterk af van hoeveel eiwit de nieren lekken en of de filtercapaciteit stabiel blijft. Wie bij de diagnose weinig eiwitverlies en een normale nierfunctie heeft en de bloeddruk goed onder controle houdt, krijgt vaak nooit nierfalen. Volgens de Nierstichting krijgt 20 tot 30% binnen 20 jaar nierfalen; dialyse en transplantatie werken in deze groep goed. Omdat de uitkomsten zo verschillen, zeggen je eigen getallen veel meer dan algemene cijfers.
Kan een nierfunctie weer verbeteren?
Littekens in de nier gaan niet meer weg, maar de nierfunctie kan wel stabiliseren en soms iets herstellen als de ontsteking en de eiwitlekkage goed worden behandeld. Een eGFR schommelt ook van meting tot meting, bijvoorbeeld door hoeveel je hebt gedronken. Daarom kijkt je arts naar de lijn over meerdere uitslagen. Het belangrijkste doel is de achteruitgang zo veel mogelijk af te remmen; volgens de Nierstichting gaat de nierfunctie meestal 1 tot 5% per jaar achteruit, maar bij sommige patiënten veel sneller.
Wat zijn de symptomen van een nierfilterontsteking?
Een nierfilterontsteking (glomerulonefritis) geeft vaak bloed in de urine, schuimende urine door eiwit, een stijgende bloeddruk en vocht vasthouden in de benen of rond de ogen. Vaak merk je eerst niets en wordt het gevonden bij urine- of bloedonderzoek. IgA-nefropathie is de meest voorkomende vorm bij volwassenen. Zie je bloed in je urine, bel dan je huisarts.
Is IgA-nefropathie erfelijk?
Niet zoals een ziekte die door één gen komt. De meeste gevallen komen voor bij mensen zonder familieleden met de ziekte. Toch zijn er families waarin het vaker voorkomt, en onderzoekers hebben een aantal genen gevonden die de kans vergroten. Heeft een ouder, broer of zus de ziekte, dan is je eigen risico iets hoger. Reden genoeg om het aan je huisarts te vertellen en je urine te laten controleren. Standaard erfelijkheidsonderzoek hoort niet bij de gewone zorg.
Kan voeding het verloop veranderen?
Voeding ondersteunt de behandeling, maar vervangt haar niet. Minder zout heeft het duidelijkste voordeel, omdat bloeddrukmedicijnen dan beter werken en de eiwitlekkage daalt. Een gevarieerd eetpatroon met veel groente en weinig sterk bewerkt voedsel helpt bloeddruk en cholesterol. Streng eiwit beperken wordt niet standaard aangeraden en kan zonder begeleiding van een diëtist schade doen. Gaat de nierfunctie achteruit, dan kan een diëtist kalium, fosfaat of vocht aanpassen aan je labuitslagen.
Kan IgA-nefropathie vanzelf overgaan?
Zichtbaar bloed in de urine verdwijnt binnen een paar dagen vanzelf, waardoor het lijkt alsof het probleem voorbij is. Het onderliggende proces gaat meestal stil door. Een minderheid, vooral kinderen en mensen met heel weinig eiwitlekkage, komt in een langdurige rustfase zonder meetbare afwijkingen. Bij de meeste mensen blijft de ziekte op een laag pitje bestaan en zijn regelmatige controles nodig in plaats van actieve behandeling. Stoppen met controles omdat je je goed voelt, is de meest voorkomende vermijdbare fout.
Hoe vaak moet je nierwaarden laten controleren?
Als het stabiel is, controleren de meeste nefrologen het eiwit in de urine, kreatinine, eGFR en de bloeddruk elke drie tot zes maanden. Na een nieuwe diagnose, na een wijziging in de medicijnen of als de eiwitlekkage stijgt, gebeurt dat vaker. Is alles al jaren hetzelfde en lekt er weinig eiwit, dan kan één keer per jaar genoeg zijn. Je eigen schema komt van de specialist die je volgt, omdat het afhangt van je biopsie en je huidige getallen.
Hoe wordt het nefrotisch syndroom vastgesteld?
Het nefrotisch syndroom wordt vastgesteld met urine- en bloedonderzoek: heel veel eiwit in de urine, een laag albumine in het bloed en zwelling (oedeem), vaak samen met een hoog cholesterol. Een nierbiopsie laat daarna zien welke nierziekte erachter zit. Bij IgA-nefropathie komt een nefrotisch syndroom maar bij een minderheid voor.
Bronnen
- Nierstichting — IgA-nefropathie — nierstichting.nl, 2025 — nierstichting.nl
- Nederlandse Federatie voor Nefrologie — Richtlijn IgA nefropathie en IgA vasculitis — publicatie.nefro.nl, 2025 — publicatie.nefro.nl
- Thuisarts (NHG) — Ik heb bloed in mijn urine — Thuisarts.nl, geraadpleegd 2026 — thuisarts.nl
- NHG — NHG-Standaard Chronische nierschade — richtlijnen.nhg.org, geraadpleegd 2026 — richtlijnen.nhg.org
- National Institute of Diabetes and Digestive and Kidney Diseases — IgA Nephropathy — NIDDK, National Institutes of Health (Engelstalig) — niddk.nih.gov
- Mayo Clinic — IgA nephropathy (Berger disease): Symptoms and causes — Mayo Clinic (Engelstalig) — mayoclinic.org
- Cleveland Clinic — IgA Nephropathy (Berger Disease): Symptoms and Treatment — Cleveland Clinic (Engelstalig) — my.clevelandclinic.org
- Floege J, et al. — Executive summary of the KDIGO 2025 Clinical Practice Guideline for the Management of Immunoglobulin A Nephropathy and Immunoglobulin A Vasculitis — Kidney International, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1016/j.kint.2025.04.003
- Yamaguchi Y, et al. — The Association between Low-Grade Proteinuria and Adverse Kidney Outcomes in IgA Nephropathy: A Systematic Review and Meta-Analysis — Clinical Journal of the American Society of Nephrology, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.2215/CJN.0000000952
- Lafayette R, et al. — Efficacy and safety of a targeted-release formulation of budesonide in patients with primary IgA nephropathy (NefIgArd): 2-year results from a randomised phase 3 trial — The Lancet, 2023 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37591292
- Heerspink HJL, et al. — Atrasentan in Patients with IgA Nephropathy — New England Journal of Medicine, 2024 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2409415
- Barratt J, et al. — Iptacopan in IgA Nephropathy: Final 24-Month Data — New England Journal of Medicine, 2026 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2600743
- Perkovic V, et al. — Sibeprenlimab in IgA Nephropathy: Interim Analysis of a Phase 3 Trial — New England Journal of Medicine, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2512133
- Lafayette R, et al. — A Phase 3 Trial of Atacicept in Patients with IgA Nephropathy — New England Journal of Medicine, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2510198
- Lv J, et al. — Telitacicept for IgA Nephropathy: Interim Analysis of a Phase 3 Trial — New England Journal of Medicine, 2026 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2514415
- Chen B, et al. — Efficacy and safety of agents for IgA nephropathy: a network meta-analysis of randomized controlled trials — Frontiers in Medicine, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.3389/fmed.2025.1515723
- ClinicalTrials.gov — A Phase 3, Randomized, Double-Blind, Placebo-Controlled Study of Felzartamab in Adults With IgA Nephropathy (PREVAIL), NCT06935357 — U.S. National Library of Medicine, 2025 (Engelstalig) — clinicaltrials.gov/study/NCT06935357
- U.S. Food and Drug Administration — FDA Approves New Treatment to Reduce Proteinuria in Adults with Primary Immunoglobulin A Nephropathy — FDA, 2026 (Engelstalig) — fda.gov
Verder lezen
- Wie het uiterlijk van urine wil vergelijken met de labuitslag, leest vaak de uitleg over de kleur van urine.
- Heb je rugpijn en bloed in je urine, lees dan ook de uitleg over nierstenen.
- Wijst je bloedonderzoek op een breder afweerprobleem, dan helpt de uitleg over lupus en de labwaarden.
- Koorts met flankpijn wijst op iets anders; veel lezers bekijken dan de symptomen van een nierbekkenontsteking.
- Wie een beginnende eiwitlekkage volgt, heeft iets aan de uitleg over microalbuminurie.
Begrijp je labuitslag met BloodSense
IgA-nefropathie volg je bijna helemaal via getallen: hoeveel bloed en eiwit er in de urine zit, wat kreatinine en eGFR zeggen over de filtercapaciteit, en of die getallen van controle tot controle stabiel blijven. Een labuitslag legt dat zelden uit in woorden waar je iets mee kunt. BloodSense leest je urine- en bloeduitslag en zet die om in heldere taal, met een lijst met vragen om aan je huisarts of nierarts te stellen. Zo weet je bij je afspraak welke waarden veranderd zijn en wat je wilt vragen. Het BloodSense-rapport wordt gemaakt door kunstmatige intelligentie, alleen ter informatie. Het is geen diagnose en geen behandeladvies, en het vervangt het oordeel van je arts niet.



