De ziekte van Alzheimer begint meestal sluipend: een vraag die twee keer wordt gesteld, sleutels die kwijt zijn, een bekend recept dat ineens verwarrend voelt. Omdat zulke veranderingen overlappen met gewoon ouder worden, slecht slapen, somberheid, schildklierproblemen en vitaminetekorten, is de eerste taak van medisch onderzoek niet om alzheimer te bevestigen. Het is om zorgvuldig te kijken naar al het andere wat de klachten kunnen verklaren. Dat onderzoek verandert, want in de Verenigde Staten is een bloedtest goedgekeurd die eiwitveranderingen bij alzheimer kan opsporen.

In dit artikel lees je hoe de symptomen van alzheimer zich ontwikkelen, wat erachter zit, welk gewoon bloedonderzoek behandelbare oorzaken uitsluit, wat de nieuwe bloedmarkers wel en niet kunnen zeggen, en wat de huidige behandelingen opleveren.

Ziekte van Alzheimer: wat het is en hoe het verschilt van dementie

Dementie is een overkoepelend begrip. Het Alzheimercentrum Amsterdam omschrijft het als een verandering van gedrag en achteruitgang van het denkvermogen. Thuisarts legt uit dat je bij dementie niet alleen snel dingen vergeet, maar ook andere problemen krijgt: gewone dingen die je elke dag doet, worden steeds moeilijker. De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende oorzaak van die achteruitgang. Volgens het Alzheimercentrum Amsterdam heeft zo'n 60 tot 70 procent van de mensen met dementie de ziekte van Alzheimer. Andere oorzaken zijn vasculaire dementie, dementie met lewylichaampjes en frontotemporale dementie. Thuisarts schrijft dat veel mensen alzheimer en vasculaire dementie tegelijk hebben, en dat die kans groter wordt naarmate je ouder bent.

Is de ziekte van Alzheimer hetzelfde als dementie?

Nee. Dementie beschrijft de klachten: een achteruitgang van geheugen en denken die zo groot is dat het dagelijks leven erdoor wordt verstoord. Alzheimer is één specifieke oorzaak van die klachten, en de meest voorkomende. Zeggen dat iemand dementie heeft, is zoiets als zeggen dat iemand koorts heeft; alzheimer, vaatschade of lewylichaampjes benoemen de reden erachter. Het onderscheid is belangrijk, omdat de oorzaken verschillen in verloop, behandeling en voorzorgsmaatregelen.

Wat er in de hersenen verandert: wat is amyloïd-eiwit?

Twee eiwitveranderingen kenmerken alzheimer onder de microscoop. Stukjes van een eiwit dat bèta-amyloïd heet, klonteren buiten de hersencellen samen tot afzettingen die plaques worden genoemd. Thuisarts schrijft dat er meer van dit eiwit in de hersenen komt, en dat artsen nog niet precies weten hoe dat gaat. Een tweede eiwit, tau, wordt afwijkend veranderd en draait zich binnen de cellen in knopen (tangles). Zenuwverbindingen worden zwakker, hersenweefsel slinkt in de gebieden die nieuwe herinneringen opslaan, en geleidelijk ontstaan de klachten. Het Alzheimercentrum Amsterdam schrijft dat de ziekte meestal begint in de hippocampus, het gebied dat belangrijk is voor het geheugen. Deze veranderingen beginnen jaren, soms meer dan tien jaar, voordat iemand iets merkt. Daarom is het moment van testen zo belangrijk.

Symptomen van alzheimer, fase voor fase

De symptomen van alzheimer volgen een grove lijn, maar het tempo verschilt enorm per persoon. Sommige mensen blijven na de diagnose nog jaren zelfstandig. Het Alzheimercentrum Amsterdam noemt een gemiddelde ziekteduur tussen de 8 en 13 jaar. Fasen zijn een hulpmiddel om erover te praten, geen aftelklok, en het verschil met gewoon ouder worden zit in het patroon en het verloop, niet in één voorval.

Vroege fase

Het kortetermijngeheugen gaat als eerste achteruit. Mensen stellen dezelfde vraag opnieuw, verliezen het spoor van recente gesprekken, leggen spullen op vreemde plekken en hebben moeite met plannen, geld beheren of taken met meerdere stappen. Thuisarts noemt ook: niet meer weten waarom je ergens heen liep, niet meer weten of je een verhaal al hebt verteld, en vaak dingen kwijt zijn die later op een vreemde plek terugkomen. Er ontstaan pauzes bij het zoeken naar woorden. Veel mensen merken de veranderingen zelf en compenseren ze stilletjes, wat een van de redenen is dat de diagnose later komt.

Middelste fase

De gaten in het geheugen worden groter en gaan ook over de eigen levensgeschiedenis. De verwarring over tijd en plaats neemt toe, en verdwalen in een bekende buurt wordt mogelijk. Gezichten herkennen lukt steeds minder goed. Het slaappatroon kan omdraaien, aan het eind van de middag kan onrust ontstaan, en er is hulp nodig bij aankleden, koken en medicijnen.

Late fase

Communicatie wordt beperkt, het herkennen van naasten kan verdwijnen, en lichamelijke vaardigheden zoals lopen en slikken gaan achteruit. Er is voortdurend zorg nodig. Waardigheid, comfort, vertrouwde routines en pijnbestrijding worden dan de belangrijkste doelen van de zorg.

Symptomen van alzheimer bij vrouwen

De klachten zijn bij vrouwen en mannen in principe hetzelfde. Thuisarts schrijft wel dat dementie vaker voorkomt bij vrouwen dan bij mannen. Dat komt deels doordat vrouwen gemiddeld ouder worden en leeftijd de belangrijkste risicofactor is. Vroege klachten zoals moeheid, slecht slapen en concentratieproblemen worden bij vrouwen soms aan de overgang of aan somberheid toegeschreven. Blijven ze toenemen, bespreek ze dan met je huisarts.

Gewoon bij ouder wordenReden voor een afspraak bij de huisarts
Een naam vergeten en hem later weer wetenDe namen vergeten van mensen die je elke week ziet
Af en toe je bril kwijt zijnSpullen op vreemde plekken vinden en niet kunnen nagaan hoe ze daar kwamen
Even moeten zoeken naar een woordZo vaak verkeerde woorden gebruiken dat het gesprek stokt
Af en toe een fout maken in je administratieEen maandbudget niet meer kunnen bijhouden
Even genoeg hebben van vaste gewoontenJe over een periode van maanden terugtrekken uit hobby's en sociaal leven

Thuisarts zegt het zo: als je ouder wordt, gaat het geheugen iets langzamer werken en vergeet je wat vaker dingen. Dat is normaal. Af en toe dingen vergeten betekent dus niet meteen dat je dementie krijgt.

Is schuifelend lopen een symptoom van dementie?

Bij alzheimer gaat lopen meestal pas in de late fase achteruit. Schuifelend lopen, trillen en langzaam en stijf bewegen passen eerder bij andere vormen van dementie. Thuisarts schrijft dat veel mensen met de ziekte van Parkinson ook dementie krijgen, en dat mensen met die vorm ook last hebben van trillen en langzaam en stijf bewegen. Ook bij vasculaire dementie kan het lopen al vroeg veranderen. Valt je op dat iemand gaat schuifelen, bespreek dat dan met de huisarts, want het helpt om de juiste oorzaak te vinden.

Oorzaken en risicofactoren

Leeftijd en erfelijkheid

Het Alzheimercentrum Amsterdam schrijft dat de oorzaak van alzheimer niet bekend is: er is sprake van stapeling van de eiwitten amyloïd en tau, maar waarom dat gebeurt, is grotendeels nog een raadsel. Leeftijd is veruit de belangrijkste risicofactor, en de ziekte komt het meest voor boven je 70e. Erfelijkheid voegt een tweede laag toe. Een gen dat APOE heet, bestaat in verschillende varianten, en de variant APOE4 verhoogt de kans op alzheimer, vooral als je hem van beide ouders erft. Het is een risicofactor, geen vonnis: veel dragers van APOE4 krijgen nooit dementie, en veel mensen met alzheimer hebben geen enkele kopie.

Volgens het Alzheimercentrum Amsterdam is in minder dan 5 procent van de gevallen een erfelijke mutatie verantwoordelijk. Dan ontstaat de ziekte op jonge leeftijd, gemiddeld tussen de 30 en 50 jaar, en komt alzheimer bij meerdere mensen in een familie voor. In dat geval is een verwijzing naar een klinisch geneticus zinvol. Thuisarts zegt het eenvoudig: dementie kan erfelijk zijn bij mensen die het voor hun 65e krijgen; op oudere leeftijd is dementie niet erfelijk.

Risicofactoren waar je zelf iets aan kunt doen

De Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention melden dat een flink deel van de gevallen van dementie zou kunnen worden voorkomen of uitgesteld door beïnvloedbare risico's aan te pakken. Wat goed is voor je bloedvaten, lijkt ook goed voor je hersenen: onbehandelde hoge bloeddruk, diabetes, roken, weinig bewegen, overgewicht op middelbare leeftijd, te veel alcohol, gehoorverlies, hoofdletsel, depressie en eenzaamheid staan allemaal op die lijst. Thuisarts schrijft dat gezond leven de kans op dementie verkleint, maar dat het niet zeker is dat je dan geen dementie krijgt. Verschillende risicofactoren zie je terug in gewoon bloedonderzoek. Wie zijn bloedsuiker in de gaten houdt, kijkt naar het HbA1c (in mmol/mol), en vaatpreventie volgt het LDL-cholesterol (in mmol/L).

Hoe de diagnose alzheimer nu wordt gesteld

Er is geen enkele test die alzheimer vaststelt. Een diagnose wordt opgebouwd uit een gesprek waarbij een naaste aanwezig is, lichamelijk en neurologisch onderzoek, gestructureerde geheugen- en denktests, bloedonderzoek en meestal een hersenscan. In Nederland begint dat bij de huisarts; Thuisarts adviseert om naar je huisarts te gaan als je denkt dat je dementie krijgt. Thuisarts benadrukt ook dat je zelf mag kiezen of je wel of geen onderzoek laat doen, en biedt daar een keuzehulp voor. Onderzoek naar biomarkers komt erbij als het beeld onduidelijk is of als een behandelbeslissing ervan afhangt.

Het gewone bloedonderzoek dat behandelbare oorzaken zoekt

Voordat iemand over amyloïd praat, sluit een arts aandoeningen uit die op alzheimer kunnen lijken en die vaak verbeteren met behandeling. Dit is het nuttigste bloedonderzoek dat de meeste patiënten ooit krijgen, en het is breed beschikbaar. Een standaardonderzoek controleert de schildklier met een TSH-bepaling, omdat een te langzaam werkende schildklier traag denken, lusteloosheid en vergeetachtigheid kan geven; lees ook het volledige artikel over een te langzaam werkende schildklier. Het meet je vitamine B12, omdat een tekort geheugen- en evenwichtsproblemen geeft die met behandeling deels kunnen herstellen. En het bevat een volledig bloedbeeld om bloedarmoede of een infectie op te sporen.

Een basispakket stofwisselingswaarden maakt het beeld compleet. Daarin staat het natrium (in mmol/L), omdat een laag natrium een klassieke en goed te behandelen oorzaak van verwardheid bij ouderen is. Het geeft een kreatininewaarde en de eGFR (geschatte nierfunctie), en het totaal calcium, omdat een hoog calcium verwardheid en somberheid kan geven. Glucose, leverwaarden en soms tests op syfilis of hiv kunnen worden toegevoegd. Sommige artsen vragen ook een homocysteïnebepaling aan als ze een probleem met B-vitamines vermoeden. Geen van deze tests stelt alzheimer vast. Ze zijn er om te zorgen dat niets behandelbaars wordt gemist. Laboratoriumonderzoek dat je huisarts aanvraagt, gaat meestal van je eigen risico af.

Geheugentests en scans

Korte tests in de spreekkamer screenen op een probleem; uitgebreider neuropsychologisch onderzoek brengt in kaart welke vaardigheden zijn aangetast. Een MRI- of CT-scan zoekt naar beroertes, tumoren, bloedingen en vocht in de hersenen, en laat het patroon van krimp zien. Thuisarts waarschuwt dat een scan of een uitgebreid geheugenonderzoek niet helemaal zeker kan voorspellen of iemand dementie krijgt. Speciale PET-scans maken amyloïd of tau direct zichtbaar, en een ruggenprik meet dezelfde eiwitten in het hersenvocht. Beide zijn nauwkeurig, maar duur, beperkt beschikbaar en voor veel patiënten onaantrekkelijk. Dat gat moeten bloedtests dichten.

Bloedmarkers: wat een p-tau217-test wel en niet zegt

Wat deze tests echt meten

De nuttigste bloedmarker tot nu toe is een veranderde vorm van het tau-eiwit, p-tau217. Die wordt soms alleen gemeten en soms als verhouding met een stukje bèta-amyloïd. Een hoge uitslag wijst erop dat de amyloïd- en tauveranderingen die bij alzheimer horen, in de hersenen aanwezig zijn. Let op de woorden: deze tests sporen de biologie van alzheimer op. Ze meten geen geheugen of beperkingen, en ze vertellen niet in welke fase iemand zit.

De eerste bloedtest met goedkeuring van de FDA

In mei 2025 keurde de Amerikaanse Food and Drug Administration de eerste bloedtest goed die wordt gebruikt bij de diagnose van alzheimer: een plasmaverhouding van p-tau217 en bèta-amyloïd 1-42. Het toegestane gebruik is smal. Volgens de aankondiging van de FDA (Engelstalig) is de test bedoeld voor volwassenen van 55 jaar en ouder die al tekenen van cognitieve achteruitgang hebben en in een gespecialiseerde setting worden onderzocht, en uitdrukkelijk niet als screeningstest of als diagnose op zichzelf. Die goedkeuring geldt voor de Verenigde Staten. Of en waar zo'n test in Nederland wordt gebruikt, bespreek je met de geheugenpolikliniek of je specialist.

Waarom dit geen screeningstest is voor gezonde mensen

De reden is statistisch, niet technisch. Op een geheugenpolikliniek heeft de meerderheid van de geteste mensen echt een geheugenprobleem, dus een afwijkende uitslag betekent meestal wat hij lijkt te betekenen. Bij mensen zonder klachten zijn amyloïdveranderingen gewoon en leiden ze vaak nooit tot dementie tijdens hun leven. Een positieve uitslag zou daar vaak iemand een etiket geven die gezond blijft, met echte gevolgen voor angst en identiteit, terwijl er voor mensen zonder klachten geen behandeling is. Professionele richtlijnen uit 2025 beperken deze tests tot het onderzoek van mensen met meetbare cognitieve problemen, beoordeeld door artsen die zijn getraind in geheugenstoornissen. Testen buiten dat traject wordt afgeraden. Thuisarts zegt ook dat er nog geen testen zijn die helemaal zeker kunnen voorspellen of je dementie krijgt.

Wat een uitslag betekent, en wat niet

Een duidelijk afwijkende uitslag bij iemand met geheugenklachten maakt alzheimer de meest waarschijnlijke verklaring en kan iemand een ruggenprik of PET-scan besparen. Een duidelijk normale uitslag maakt alzheimer onwaarschijnlijk en stuurt de zoektocht naar andere oorzaken, en dat is vaak de waardevollere uitkomst. Er bestaan ook uitslagen daartussenin: laboratoria gebruiken steeds vaker twee grenswaarden met een tussengebied, en een uitslag in dat gebied betekent aanvullend onderzoek, geen conclusie. Nierziekte en lichaamsgewicht kunnen deze waarden verschuiven, dus uitslagen worden in samenhang gelezen.

Omdat een labuitslag op zichzelf makkelijk verkeerd te lezen is, biedt BloodSense een uitleg van je bloedonderzoek in gewone taal, en een ander artikel bespreekt afwijkende bloedwaarden bij mensen die zich goed voelen.

Wat zijn de behandelingsmogelijkheden voor de ziekte van Alzheimer?

Het Alzheimercentrum Amsterdam vat het samen: de ziekte van Alzheimer is niet te genezen, maar wel te behandelen. Thuisarts schrijft dat er behandelingen zijn waarvan niet bewezen is dat ze de dementie minder maken, maar waardoor je je wel beter kunt voelen.

Antistoffen tegen amyloïd

Lecanemab en donanemab zijn in het lab gemaakte antistoffen die via een infuus worden gegeven en amyloïd uit de hersenen opruimen. Ze zijn alleen bedoeld voor vroege alzheimer, dus lichte cognitieve stoornissen of lichte dementie, en aangetoond amyloïd is een voorwaarde om te starten. In de belangrijkste studies ging het in achttien maanden minder snel achteruit bij behandelde deelnemers dan bij deelnemers die een placebo kregen, maar het verschil was bescheiden: een remming van de achteruitgang, geen omkering, en zo klein dat families het misschien wel en misschien niet merken. Die afweging verdient een eerlijk gesprek, geen kop in de krant. Of en voor wie deze middelen in Nederland beschikbaar zijn, kun je het best met een geheugenpolikliniek of neuroloog bespreken.

De belangrijkste zorg over de veiligheid is een groep bijwerkingen die ARIA heet (amyloïdgerelateerde afwijkingen op scans): zwelling of kleine bloedinkjes in de hersenen die op een MRI te zien zijn. Meestal geven ze geen klachten en verdwijnen ze als de behandeling wordt onderbroken, maar een klein deel is ernstig en in zeldzame gevallen dodelijk. Daarom hoort controle bij de behandeling: een MRI voor de eerste dosis en herhaalde scans op vaste momenten. Het risico is hoger bij dragers van APOE4, vooral bij twee kopieën, dus genetisch onderzoek wordt vooraf aangeraden zodat het gesprek over risico goed geïnformeerd is. Mensen die bloedverdunners gebruiken, komen meestal niet in aanmerking. Mayo Clinic houdt een praktisch overzicht van diagnose en behandeling bij (Engelstalig).

Medicijnen tegen de klachten

Cholinesteraseremmers zoals donepezil, rivastigmine en galantamine, en memantine bij matige tot ernstige ziekte, blijven deel van de gewone zorg. Ze veranderen de onderliggende ziekte niet, maar kunnen geheugen, aandacht en dagelijks functioneren een tijd lang iets ondersteunen. Het Alzheimercentrum Amsterdam schrijft dat de reactie per patiënt verschilt en dat een behandeling met deze medicijnen altijd via de specialist hoort te lopen, die de voortgang en bijwerkingen bijhoudt.

Zorg die geen recept is

Vaste routines, hulpmiddelen voor oriëntatie, behandeling van pijn, het verhelpen van gehoor- en zichtproblemen, bewegen, goed slapen en sociaal contact verminderen allemaal onrust en ondersteunen het functioneren. Thuisarts beschrijft dat je bij dementie een vaste begeleider krijgt, de casemanager dementie, die veel weet over dementie en hulp kan regelen om zo lang mogelijk veilig thuis te wonen. Voorlichting en ontlasting voor mantelzorgers zijn geen luxe: ze horen bij de maatregelen met het sterkste bewijs om mensen langer thuis te laten wonen. Thuisarts wijst er ook op dat het met dementie niet meer veilig is om zelf auto te rijden.

Wat moet je niet doen bij mensen met alzheimer?

Een paar dingen werken meestal averechts. Iemand steeds verbeteren of overhoren ("weet je nog?") geeft vooral stress. In discussie gaan over wat wel of niet klopt, kan onrust en boosheid versterken; meegaan in de beleving en geruststellen werkt vaak beter. Praat niet over iemand alsof die er niet bij is, en neem niet alles over wat iemand nog zelf kan. Thuisarts raadt aan te kijken naar wat allemaal nog wel lukt, omdat je ook met dementie veel dingen nog een tijd zelf kunt blijven doen. En wacht als naaste niet te lang met hulp vragen: Thuisarts heeft ook informatie voor wie voor iemand met dementie zorgt.

Risico verkleinen en weten wanneer je hulp zoekt

Wat het bewijs ondersteunt

Geen supplement, dieet of hersentrainingsprogramma heeft bewezen alzheimer te voorkomen. Wat grote studies wel ondersteunen, is weinig spectaculair: behandel hoge bloeddruk, houd diabetes en cholesterol onder controle, blijf in beweging, rook niet, beperk alcohol, laat gehoorverlies verhelpen, bescherm je hoofd, behandel depressie, slaap voldoende en blijf sociaal actief. Het Alzheimercentrum Amsterdam raadt aan geestelijk en lichamelijk actief te blijven en te zorgen voor een goede conditie en voedingstoestand. Deze maatregelen verminderen ook beroertes en hartziekten, dus de moeite is nooit verspild.

Wanneer naar de huisarts?

Maak een afspraak bij je huisarts als veranderingen in geheugen of denken door anderen worden opgemerkt, al enkele maanden toenemen, je werk, geldzaken, autorijden of medicijngebruik verstoren, of samengaan met een veranderd karakter, lusteloosheid of terugtrekken. Thuisarts schrijft dat bij een deel van de mensen met meer geheugenklachten dan normaal voor hun leeftijd de klachten erger worden, gemiddeld na 5 jaar tot dementie, terwijl ze bij de andere helft gelijk blijven of zelfs weer overgaan. Zoek snel medische hulp bij verwardheid die in uren of dagen ontstaat; dat wijst meestal op een infectie, bijwerkingen van medicijnen of uitdroging, niet op alzheimer. Neem een medicijnoverzicht mee en iemand die kan vertellen wat er is veranderd. Bij levensgevaar bel je 112; 's avonds, 's nachts en in het weekend kun je de huisartsenpost bellen.

Nieuwste wetenschappelijke inzichten

Het onderzoek naar bloedtests is snel gegaan. Dit zegt het recente bewijs, en dit betekent het in de praktijk.

Voor bloedtests is er nu een officiële richtlijn

In 2025 publiceerde de Amerikaanse Alzheimer's Association een richtlijn over bloedmarkers, gebaseerd op een systematische review: een gestructureerde samenvatting van alle studies over een vraag. Die beveelt deze tests aan binnen gespecialiseerde zorg, voor mensen die al meetbare problemen met geheugen of denken hebben. Wat dit voor jou betekent: stelt een arts een bloedmarkertest voor, dan hoort die bij onderzoek naar echte klachten, niet bij een controle van iemand die zich goed voelt.

De beste bloedmarkers kunnen zich meten met hersenvochtonderzoek

Een systematische review en meta-analyse uit 2025, een studie die de resultaten van veel eerdere studies bundelt, in The Lancet Neurology vond dat de sterkste p-tau-tests in plasma de biologie van alzheimer ongeveer even betrouwbaar herkennen als onderzoek van het hersenvocht, met p-tau217 duidelijk vooraan. Een andere gebundelde analyse uit 2024 kwam tot dezelfde conclusie voor zowel amyloïd- als tauveranderingen. Wat dit voor jou betekent: voor veel mensen kan een bloedafname nu een vraag beantwoorden waarvoor vroeger een ruggenprik of PET-scan nodig was, waardoor een nauwkeurig antwoord makkelijker bereikbaar wordt.

Bloedtests doen het beter dan de eerste indruk in de dagelijkse praktijk

Twee grote studies in de eerste lijn en bij specialisten, gepubliceerd in JAMA in 2024 en in Nature Medicine in 2025, gebruikten grenswaarden die vooraf waren vastgelegd: de regels stonden vast voordat patiënten werden getest, en dat is de eerlijke manier. In beide studies herkende de bloedtest alzheimergerelateerde veranderingen betrouwbaarder dan de eerste klinische indruk die werd vastgelegd voordat de uitslagen bekend waren. Wat dit voor jou betekent: deze tests zijn het waardevolst waar de diagnostische twijfel het grootst is, en ze ondersteunen het oordeel van de arts in plaats van het te vervangen.

Uitslagen zijn niet altijd ja of nee

Een studie uit 2025 naar de verhouding p-tau217 tot bèta-amyloïd in groepen uit de kliniek en de algemene bevolking vond dat twee grenswaarden, met een tussengebied, de betrouwbaarheid verbeterden, maar dat sommige mensen dan een onbesliste uitslag krijgen. Wat dit voor jou betekent: een uitslag ertussenin is een normaal onderdeel van hoe deze tests werken, geen labfout, en vraagt om vervolg in plaats van paniek.

Behandeling tegen amyloïd: echt, maar bescheiden, en nauw gevolgd

De fase 3-studie van lecanemab, in 2023 gepubliceerd in de New England Journal of Medicine, liet in achttien maanden minder achteruitgang zien bij behandelde deelnemers dan bij deelnemers met placebo, samen met een duidelijke afname van amyloïd in de hersenen. Zwelling of kleine bloedinkjes in de hersenen kwamen voor bij ongeveer één op de acht deelnemers, en reacties op het infuus bij ongeveer één op de vier.

Gebruiksadviezen van deskundigen uit hetzelfde jaar raden MRI-controle aan, vooraf genetisch onderzoek naar APOE omdat dragers van APOE4 een hoger risico op deze hersenveranderingen hebben, en geen gebruik bij mensen met bloedverdunners. Wat dit voor jou betekent: dit is een behandeling met een echt maar beperkt effect, die onderzoek vooraf, regelmatige scans en een realistisch gesprek over doelen vraagt. Het is nog een vroeg hoofdstuk, geen genezing.

Woordenlijst

BegripBetekenis
Bèta-amyloïdEen stukje eiwit dat buiten hersencellen samenklontert tot plaques. De ophoping ervan is een van de twee kenmerken van alzheimer.
Tau en p-tau217Tau is een eiwit in zenuwcellen dat bij alzheimer in knopen draait. P-tau217 is een chemisch veranderde vorm van tau die in bloed kan worden gemeten.
BiomarkerEen meetbaar biologisch signaal, zoals een eiwit in het bloed, dat wordt gebruikt om een ziekteproces op te sporen of te volgen.
PlasmaHet heldere vloeibare deel van bloed dat overblijft als de cellen zijn verwijderd. De meeste bloedmarkers voor alzheimer worden in plasma gemeten.
APOE4Een veelvoorkomende variant van het APOE-gen die de kans op alzheimer en op bijwerkingen van behandeling tegen amyloïd verhoogt. Een risicofactor, geen diagnose.
ARIAAmyloïdgerelateerde afwijkingen op scans: zwelling of kleine bloedinkjes in de hersenen die op een MRI te zien zijn tijdens behandeling tegen amyloïd. Geeft vaak geen klachten, maar vraagt om controle.
Lichte cognitieve stoornisMeetbare problemen met geheugen of denken die het zelfstandig leven nog niet verhinderen. Kan wel of niet overgaan in dementie.
PET-scanPositronemissietomografie, een scan die met een licht radioactieve stof amyloïd- of tau-afzettingen in de levende hersenen zichtbaar maakt.
Hersenvocht (liquor)Het vocht rond hersenen en ruggenmerg, afgenomen met een ruggenprik, waarin dezelfde eiwitten kunnen worden gemeten.
CholinesteraseremmerEen groep medicijnen, waaronder donepezil en rivastigmine, die de communicatie tussen zenuwcellen ondersteunt en klachten een tijd kan verlichten.

Veelgestelde vragen

Bestaat er een bloedtest op alzheimer?

Ja, maar met belangrijke beperkingen. Een plasmatest die p-tau217 en een stukje bèta-amyloïd combineert, kreeg in mei 2025 goedkeuring van de Amerikaanse FDA voor volwassenen van 55 jaar en ouder die al tekenen van cognitieve achteruitgang hebben en in een gespecialiseerde setting worden onderzocht. De test spoort de eiwitveranderingen bij alzheimer op; hij stelt op zichzelf geen diagnose en is geen screeningstest voor mensen zonder klachten. Andere p-tau217-tests worden ook in de praktijk gebruikt. Een arts vraagt de uitslag aan en beoordeelt die binnen een volledig onderzoek.

Op welke leeftijd beginnen de symptomen van alzheimer meestal?

Volgens het Alzheimercentrum Amsterdam kan de ziekte al op jonge leeftijd beginnen, maar komt ze het meest voor boven je 70e. Een kleine minderheid krijgt de ziekte op jongere leeftijd, soms door een zeldzame erfelijke mutatie. Bij mensen bij wie de ziekte jonger begint, staan geheugenklachten volgens het Alzheimercentrum regelmatig niet op de voorgrond, maar bijvoorbeeld problemen met waarnemen, handelen of spreken. Klachten die voor je 65e beginnen, verdienen beoordeling door een specialist. Thuisarts heeft er een aparte pagina over.

Waaraan overlijd je als je alzheimer hebt?

Alzheimer zelf is zelden de directe doodsoorzaak. In de late fase gaan slikken, lopen en de weerstand achteruit. Daardoor krijgen mensen vaker een longontsteking, bijvoorbeeld doordat eten of drinken in de luchtwegen terechtkomt, of complicaties na een val, uitdroging of ondervoeding. Die complicaties zijn meestal de directe oorzaak. Daarom verschuift de zorg in die fase naar comfort, en is het goed om op tijd met de huisarts te praten over wensen voor zorg en behandeling.

Kan een vitaminetekort klachten geven die op alzheimer lijken?

Ja. Een tekort aan vitamine B12 is het bekendste voorbeeld en kan vergeetachtigheid, traag denken, stemmingsveranderingen en wankel lopen geven, die soms flink verbeteren na behandeling. Schildklierziekte, een laag natrium, een hoog calcium, nier- of leverproblemen, depressie, slecht slapen, alcohol en bepaalde medicijnen kunnen allemaal op vroege alzheimer lijken. Thuisarts noemt ook een burn-out, slecht horen en bijwerkingen van medicijnen als behandelbare oorzaken. Precies daarom komt gewoon bloedonderzoek eerst, voordat iemand aan biomarkers denkt.

Moet ik zelf een alzheimer-bloedtest bestellen?

De huidige richtlijnen ondersteunen testen buiten medisch onderzoek niet. Bij mensen zonder klachten wijst een afwijkende uitslag vaak op veranderingen die tijdens hun leven nooit tot dementie leiden, en er is geen goedgekeurde behandeling voor mensen zonder klachten. Maak je je zorgen over je geheugen, ga dan eerst naar je huisarts. Lichamelijk onderzoek, geheugentests en gewoon bloedonderzoek bepalen of een biomarkertest überhaupt zinvol is. Een test die je zelf online bestelt, betaal je meestal zelf; die valt niet onder de basisverzekering. Check je polis.

Stoppen de nieuwe behandelingen de ziekte van Alzheimer?

Nee. Lecanemab en donanemab ruimen amyloïd op en remmen de achteruitgang over ongeveer achttien maanden bij mensen met vroege ziekte, maar ze stoppen haar niet, draaien haar niet terug en herstellen geen verloren vaardigheden. Ze vragen om aangetoond amyloïd, regelmatige infusen, MRI-controle op zwelling of bloedingen en genetisch onderzoek om het risico in te schatten. Voor veel mensen komt de beslissing neer op een bescheiden, onzeker voordeel tegenover een echte belasting en een echt risico, en dat is een persoonlijke afweging die je met een specialist maakt.

Bronnen

  • Alzheimercentrum Amsterdam (Amsterdam UMC) — De ziekte van Alzheimer — Alzheimercentrum.nl, 2026 — alzheimercentrum.nl
  • Thuisarts (NHG) — Ik heb dementie — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Thuisarts (NHG) — Ik ben bang dat ik dementie krijg — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Thuisarts (NHG) — Dementie — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Thuisarts (NHG) — Spoed: wie bel je? — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Rijksoverheid — Misverstanden over de zorgverzekering — Rijksoverheid.nl, 2026 — rijksoverheid.nl
  • U.S. Food and Drug Administration — FDA Clears First Blood Test Used in Diagnosing Alzheimer’s Disease, 2025 (Engelstalig) — fda.gov
  • Centers for Disease Control and Prevention — About Dementia, 2024 (Engelstalig) — cdc.gov
  • Mayo Clinic — Alzheimer’s disease: Diagnosis and treatment (Engelstalig) — mayoclinic.org
  • Palmqvist S, et al. — Alzheimer’s Association Clinical Practice Guideline on the use of blood-based biomarkers in the diagnostic workup of suspected Alzheimer’s disease within specialized care settings — Alzheimer’s & Dementia, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1002/alz.70535
  • Therriault J, et al. — Blood phosphorylated tau for the diagnosis of Alzheimer’s disease: a systematic review and meta-analysis — The Lancet Neurology, 2025 — doi.org/10.1016/S1474-4422(25)00227 (Engelstalig) — doi.org/10.1016/S1474-4422(25)00227-3
  • Khalafi M, et al. — Diagnostic accuracy of phosphorylated tau217 in detecting Alzheimer’s disease pathology among cognitively impaired and unimpaired: a systematic review and meta-analysis — Alzheimer’s & Dementia, 2024 (Engelstalig) — doi.org/10.1002/alz.14458
  • Palmqvist S, et al. — Blood Biomarkers to Detect Alzheimer Disease in Primary Care and Secondary Care — JAMA, 2024 (Engelstalig) — doi.org/10.1001/jama.2024.13855
  • Palmqvist S, et al. — Plasma phospho-tau217 for Alzheimer’s disease diagnosis in primary and secondary care using a fully automated platform — Nature Medicine, 2025 — doi.org/10.1038/s41591-025-03622 (Engelstalig) — doi.org/10.1038/s41591-025-03622-w
  • Wang J, et al. — Diagnostic accuracy of plasma p-tau217/Abeta42 for Alzheimer’s disease in clinical and community cohorts — Alzheimer’s & Dementia, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1002/alz.70038
  • van Dyck CH, et al. — Lecanemab in Early Alzheimer’s Disease — New England Journal of Medicine, 2023 (Engelstalig) — doi.org/10.1056/NEJMoa2212948
  • Cummings J, et al. — Lecanemab: Appropriate Use Recommendations — The Journal of Prevention of Alzheimer’s Disease, 2023 (Engelstalig) — doi.org/10.14283/jpad.2023.30

Verder lezen

Begrijp je labuitslag met BloodSense

Wie onderzoek krijgt naar geheugenklachten, heeft al lang voor een afspraak bij de specialist een pagina vol getallen: TSH, vitamine B12, natrium, calcium, nierfunctie en een bloedbeeld. Die waarden vormen het deel van het onderzoek dat het vaakst iets behandelbaars vindt, en tegelijk het deel dat patiënten het minst begrijpen. BloodSense zet die labuitslag om in heldere taal, zodat je met goed voorbereide vragen naar je afspraak gaat. Het helpt je je resultaten te begrijpen; het stelt geen diagnose alzheimer en vervangt je huisarts niet.

Laat je labuitslag binnen enkele minuten uitleggen

De informatie op deze pagina is bedoeld als uitleg en vervangt geen consult bij je huisarts. Bespreek je uitslag altijd met je huisarts. Het BloodSense-rapport wordt gemaakt door kunstmatige intelligentie, alleen ter informatie. Het is geen diagnose en geen behandeladvies, en het vervangt het oordeel van je huisarts niet.