Overgang: symptomen, overgangsklachten, onderzoek en behandeling

De overgang begint vaak al jaren voor je laatste menstruatie, en dat is een reden waarom veel vrouwen zich niet serieus genomen voelen als een bloedtest ‘niets bijzonders’ laat zien. De overgang is geen ziekte. Het is een normale levensfase die het einde van de vruchtbare jaren markeert. Volgens Thuisarts is je laatste ongesteldheid, de menopauze, gemiddeld rond je 51e. De overgang kan toch zwaar zijn: opvliegers, slecht slapen, stemmingswisselingen en een droge vagina komen veel voor, en sommige gevolgen blijven lang nadat de menstruatie is gestopt. In dit artikel lees je hoe de overgang verloopt, hoe de diagnose wordt gesteld, waarom een hormoontest na je 45e meestal niet nodig is, welke behandelingen in 2026 echt bewijs hebben en welke labwaarden rond je vijftigste aandacht verdienen.
Wat is de overgang?
De overgang is een periode van een aantal jaren rondom je laatste ongesteldheid, waarin je lichaam verandert van vruchtbaar naar niet meer vruchtbaar. Volgens Thuisarts worden ‘overgang’, ‘menopauze’ en ‘perimenopauze’ vaak door elkaar gebruikt, maar ze betekenen iets anders. De menopauze is één moment: je laatste ongesteldheid, die je pas achteraf kent, als je een jaar lang niet meer ongesteld bent geweest. De eierstokken raken langzaam door hun eicellen heen, maken minder oestrogeen en progesteron, en de eisprong stopt. Er is niets kapot en er hoeft niets genezen te worden.
Die manier van kijken is belangrijk. Wie de overgang als ziekte ziet, komt sneller uit bij onnodige testen en minder snel bij zorg die echt helpt. Het doel is geen jonger hormoonprofiel. Het doel is vervelende overgangsklachten verlichten, botten en hart beschermen, en elke vrouw zelf laten kiezen hoeveel behandeling bij haar past.
De drie fasen
De perimenopauze is de periode van wisselende cycli en schommelende hormonen vóór de laatste menstruatie, tot een jaar erna. Volgens Mayo Clinic duurt die meestal twee tot acht jaar. Cycli worden korter, dan langer, dan onvoorspelbaar, en de hormonen schommelen in plaats van rechtlijnig te dalen. De menopauze is het moment dat je achteraf vaststelt na twaalf maanden zonder menstruatie. De postmenopauze is alles daarna, als het oestrogeen laag en stabiel blijft.
Wanneer begint de overgang, en wanneer is het vroeg?
Volgens Thuisarts kan de overgang beginnen tussen je 40e en 60e jaar. Vóór je 45e spreken artsen van een vroege overgang, en vóór je 40e van een te vroege overgang of primaire ovariële insufficiëntie (POI). Thuisarts meldt dat 1 op de 100 vrouwen voor haar 40e in de overgang komt. Als beide eierstokken worden weggehaald, begint de overgang meteen, vaak met hevigere klachten omdat er geen geleidelijke daling is. Ook chemotherapie en bestraling kunnen de overgang uitlokken, en heel soms een ontsteking van de bijnier zoals de ziekte van Addison. Vrouwen die vroeg in de overgang komen, hebben een apart gesprek nodig over het beschermen van botten en hart, omdat ze meer jaren met weinig oestrogeen leven.
Overgangsklachten: welke symptomen kun je krijgen?
De bekendste overgangsklachten zijn opvliegers, veranderingen in je ongesteldheid en klachten van de vagina, maar er is meer. Volgens Thuisarts hebben 8 van de 10 vrouwen opvliegers, en volgens het Amerikaanse Office on Women’s Health kunnen ze tot veertien jaar na de laatste menstruatie aanhouden. Opvliegers zijn maar een deel van het verhaal, en sommige van de meest storende veranderingen koppelen vrouwen zelden aan hormonen.
Opvliegers en nachtzweten
Een opvlieger is een plotselinge golf van warmte over gezicht, hals en borst, vaak met rood worden, zweten en een snelle hartslag. Volgens Thuisarts over opvliegers duurt een opvlieger meestal 3 tot 5 minuten, soms een half uur, en heb je ze meestal 3 tot 7 jaar. ’s Nachts wordt een opvlieger nachtzweten dat je slaap onderbreekt. Het mechanisme zit in de hypothalamus, de thermostaat van de hersenen, die overgevoelig wordt als het oestrogeen daalt. Precies daarop richten de nieuwste niet-hormonale medicijnen zich.
Veranderingen in je ongesteldheid
Thuisarts beschrijft dat er meer of minder tijd tussen je ongesteldheid zit dan je gewend was, dat je langer of korter ongesteld bent, en dat je zwaarder ongesteld kunt worden met meer bloedverlies. Bij sommige vrouwen wordt het bloedverlies juist minder. Ook buikpijn, rugpijn of hoofdpijn rond de ongesteldheid kunnen veranderen.
Slaap, stemming en geheugen
Slaapproblemen horen bij de meest voorkomende overgangsklachten, en komen niet altijd door nachtzweten: inslapen kan makkelijk blijven terwijl doorslapen moeilijk wordt. Stemmingswisselingen, prikkelbaarheid en een grotere kans op een depressie komen rond de overgang vaker voor, vooral bij vrouwen die eerder een depressie of stemmingsklachten voor de menstruatie hadden. Thuisarts zegt dat je meer kans hebt op een nieuwe depressie als je er eerder een hebt gehad. Moeite met woorden vinden en vergeetachtigheid, vaak ‘brain fog’ genoemd, komen veel voor in de perimenopauze. Ze zijn meestal tijdelijk en geen vroeg teken van dementie.
Klachten van vagina en blaas
Een droge vagina, branderigheid, pijn bij het vrijen, aandrang om te plassen en vaker een blaasontsteking vormen samen het urogenitaal syndroom van de menopauze. Volgens Thuisarts hebben ongeveer 3 van de 10 vrouwen klachten van de vagina. Anders dan opvliegers verdwijnen deze klachten niet vanzelf: zonder behandeling worden ze langzaam erger, en ze reageren heel goed op oestrogeen in een lage dosis in de vagina. Het is ook de groep klachten waar vrouwen het minst over beginnen, dus artsen vragen er steeds vaker zelf naar.
Veranderingen die je niet voelt
In de eerste jaren na de laatste menstruatie gaan je botten sneller achteruit, wat uiteindelijk botontkalking (osteoporose) kan geven. Ook de vetten in je bloed veranderen: uitslagen na de overgang laten vaak een hoger LDL-cholesterol zien. Volgens Thuisarts heb je ook iets meer kans op ziekten van hart en bloedvaten. Er wordt meer vet rond de buik opgeslagen, zelfs bij een gelijk gewicht. Niets hiervan geeft klachten. Daarom zijn controles rond je vijftigste belangrijker dan op je 35e.
| Klacht | Wat er gebeurt | Meestal verloop |
|---|---|---|
| Opvliegers en nachtzweten | De temperatuurregeling in de hersenen wordt overgevoelig als oestrogeen daalt | Het ergst rond de laatste menstruatie, daarna meestal minder over een aantal jaren |
| Onregelmatige en daarna geen menstruatie | De eisprong wordt grillig voordat hij stopt | Per definitie voorbij twaalf maanden na de laatste menstruatie |
| Slecht slapen | Nachtzweten plus directe effecten van hormonen op de slaap | Wordt vaak beter met behandeling van de klachten, maar kan blijven |
| Stemmingswisselingen en brain fog | Schommelende hormonen, slecht slapen en drukte in het leven samen | Wordt meestal rustiger binnen een paar jaar na de laatste menstruatie |
| Droge vagina en blaasklachten | Dunner worden van weefsel in vagina en blaas dat van oestrogeen afhangt | Erger zonder behandeling; reageert goed op oestrogeen in de vagina |
| Botten en cholesterol | Het beschermende effect van oestrogeen op botten en vetten valt weg | Stil en doorgaand; alleen zichtbaar met onderzoek |
Hoe kun je testen of je in de overgang zit?
Bij een vrouw boven de 45 met een onregelmatige of uitblijvende menstruatie en typische klachten stelt de arts de diagnose op basis van je verhaal; een bloedtest is niet nodig. Dit verrast de meeste mensen. Thuisarts zegt het duidelijk: het heeft geen zin om je bloed te laten testen om te weten of je in de overgang bent, want dat getal is niet betrouwbaar. Een normale uitslag sluit ook niets uit. Een beoordeling uit 2024 van nationale en internationale richtlijnen over de overgang vond dat de beste richtlijnen het hierover eens zijn.
Waarom een hormoontest in de perimenopauze misleidt
In de perimenopauze dalen de hormonen niet geleidelijk; ze schommelen, soms heftig, van week tot week. Een bloedmonster op een dinsdag kan eruitzien als na de overgang, en twee weken later als voor de overgang, bij dezelfde vrouw met dezelfde klachten. Artsen kunnen het FSH (follikelstimulerend hormoon) meten, en dezelfde aanvraag bevat vaak een oestradiolbepaling of het LH (luteïniserend hormoon). Maar één momentopname kan een bewegend doel niet vangen. De combinatiepil onderdrukt deze waarden nog verder, waardoor ze niet te beoordelen zijn.
Wanneer een hormoontest wel helpt
Testen is zinvol in bepaalde situaties. Onder de 40, als een te vroege overgang (POI) wordt vermoed, ondersteunen herhaald verhoogde FSH-waarden de diagnose en veranderen ze de behandeling. Thuisarts adviseert om naar je huisarts te gaan als je overgangsklachten hebt en jonger bent dan 40. Tussen 40 en 45 kan een test een ongewoon beeld verduidelijken. Na een baarmoederverwijdering waarbij de eierstokken zijn gebleven, is er geen menstruatiepatroon om te volgen, dus zijn hormoonwaarden een van de weinige signalen. In andere gevallen geeft testen vooral kosten en verwarring.
Onderzoek om iets anders uit te sluiten
Moeheid, gewichtsverandering, hartkloppingen en somberheid zijn niet typisch voor de overgang, dus andere oorzaken worden eerst uitgesloten. Omdat de klachten bijna precies overlappen, sluiten artsen vaak een te traag werkende schildklier uit met een TSH-bepaling. Heftig of lang bloedverlies is een vaste reden voor een volledig bloedbeeld en een meting van de ferritine, want een ijzertekort geeft zelf ook uitputting. Volgens Thuisarts kun je door veel bloedverlies bloedarmoede krijgen; daarvan is sprake bij een Hb lager dan 7,5 mmol/L bij vrouwen. Een zwangerschapstest hoort er ook nog bij, omdat de eisprong onverwacht kan terugkomen.
Behandeling van overgangsklachten in 2026
Behandeling is een keuze, en veel vrouwen komen door de overgang met goede informatie en kleine aanpassingen. Voor wie veel last heeft, is het bewijs de afgelopen drie jaar flink veranderd, en er zijn nu meer goede mogelijkheden dan ooit. Thuisarts heeft een keuzehulp die je helpt kiezen welke behandeling tegen opvliegers bij je past.
Hormoontherapie na de herbeoordeling
Hormoontherapie blijft de werkzaamste behandeling tegen opvliegers en nachtzweten. Volgens Thuisarts zorgen hormonen voor veel minder opvliegers per dag. De naam van hormoontherapie raakte beschadigd in 2002, toen de Women’s Health Initiative-studie naar oestrogeen met progestageen vroegtijdig werd gestopt en opvallende cijfers over risico’s de wereld over gingen. Het voorschrijven stortte in. Daarna volgden twintig jaar nieuwe analyses, en het beeld is genuanceerder dan de krantenkoppen.
De belangrijkste bevinding heet de ‘timinghypothese’: voordelen en risico’s hangen sterk af van je leeftijd en hoe lang geleden je laatste menstruatie was. Voor gezonde vrouwen met vervelende klachten die voor hun 60e of binnen tien jaar na de laatste menstruatie beginnen, vinden de meeste huidige richtlijnen de balans gunstig. Veel later beginnen geeft een minder gunstig profiel. De aanbevelingen van de International Menopause Society uit 2025 volgen deze persoonlijke aanpak, net als een bijgewerkte Cochrane-review uit 2025 over langdurig gebruik. Die benadrukt nog iets: hormoontherapie behandelt klachten, het is geen preventie. Begin er niet mee alleen om hart- en vaatziekten of dementie te voorkomen.
Praktische details tellen. Oestrogeen via een pleister of gel gaat niet eerst door de lever en heeft meestal de voorkeur als er een verhoogde kans op trombose is. Elke vrouw die nog een baarmoeder heeft, krijgt naast oestrogeen een progestageen om het baarmoederslijmvlies te beschermen. Borstkanker of trombose bij jezelf of in de familie en hart- en vaatziekten bepalen de keuze mee. Daarom is dit een gesprek met je huisarts, geen afvinklijstje.
Oestrogeen in de vagina is een aparte keuze
Oestrogeen in een lage dosis in de vagina, als crème, tablet of ring, helpt bij droogheid, pijn bij het vrijen en steeds terugkerende blaasontstekingen. Er komt heel weinig van in het bloed, dus het is meestal ook geschikt voor veel vrouwen die geen hormonen via het hele lichaam mogen gebruiken. Glijmiddelen en vochtinbrengende middelen zonder hormonen helpen ook.
Niet-hormonale medicijnen, waaronder de nieuwe NK-receptorremmers
De belangrijkste recente ontwikkeling is een groep medicijnen die direct werkt op het hersencircuit achter opvliegers. Neurokinine-receptorantagonisten blokkeren signalen bij zenuwcellen in de hypothalamus die overactief worden als het oestrogeen daalt. Fezolinetant, dat de neurokinine-3-receptor blokkeert, werd als eerste in de Verenigde Staten goedgekeurd. Elinzanetant, dat zowel de neurokinine-1- als de neurokinine-3-receptor blokkeert, werd daar in 2025 goedgekeurd, en de dubbele werking lijkt ook de slaap te helpen. Of en hoe deze middelen in Nederland beschikbaar zijn en vergoed worden, bespreek je met je arts.
Ze zijn nuttig voor vrouwen die geen oestrogeen mogen gebruiken, maar niet zonder risico. In december 2024 voegde de Amerikaanse FDA een waarschuwing toe over zeldzame maar ernstige leverschade door fezolinetant, met een schema voor levercontroles voor de start en in de eerste maanden van gebruik. Wie zo’n middel gebruikt, moet de signalen van leverproblemen kennen en de controles doen.
In Nederland noemt Thuisarts ook clonidine. Dat geeft ongeveer 1 opvlieger minder per dag, maar heeft veel bijwerkingen en is alleen geschikt als je geen hormonen mag krijgen, bijvoorbeeld na borstkanker die groeit door hormonen. Over antidepressiva verschillen de bronnen: de Amerikaanse North American Menopause Society noemt bepaalde SSRI’s en SNRI’s, gabapentine en oxybutynine als middelen die opvliegers wat kunnen verminderen, terwijl Thuisarts zegt dat antidepressiva waarschijnlijk niet helpen tegen opvliegers en dat artsen ze daarvoor niet aanraden. Bespreek met je huisarts wat in jouw situatie past.
Aanpak zonder medicijnen die de moeite waard is
Cognitieve gedragstherapie en mindfulness hebben goed bewijs dat ze de last en de impact van opvliegers verminderen, ook als de opvliegers doorgaan. Volgens Thuisarts kun je die therapie krijgen bij een praktijkondersteuner of psycholoog, en kan het een paar opvliegers minder per dag geven. Dat onderscheid is belangrijk: je minder overvallen voelen door een klacht is een echte uitkomst. Middelen met kruiden, vitamines, zilverkaars of fyto-oestrogenen helpen volgens Thuisarts niet, en het is vaak onzeker of ze bijwerkingen hebben. Bewegen vermindert opvliegers niet betrouwbaar, maar beschermt botten, hart, slaap en stemming; reden genoeg. Minder of geen alcohol kan zorgen voor minder opvliegers, vooral minder nachtzweten. Stoppen met roken, een koele slaapkamer en kleren in laagjes van katoen, zijde of wol kosten niets.
| Aanpak | Vooral geschikt bij | Belangrijk om te bespreken |
|---|---|---|
| Hormoontherapie voor het hele lichaam | Vervelende opvliegers en nachtzweten, meestal onder de 60 of binnen tien jaar na de menopauze | Je eigen en familiegeschiedenis, manier van toedienen, progestageen als je een baarmoeder hebt |
| Oestrogeen in lage dosis in de vagina | Droge vagina, pijn bij het vrijen, steeds terugkerende blaasontstekingen | Heel weinig opname in het bloed; vaak langdurig gebruikt |
| Neurokinine-receptorantagonisten | Matige tot ernstige opvliegers als oestrogeen niet geschikt is | Levercontroles, beschikbaarheid, beperkte gegevens over lange termijn |
| Clonidine en andere niet-hormonale middelen | Opvliegers als hormonen niet mogen | Bijwerkingen; wisselend bewijs |
| Cognitieve gedragstherapie of mindfulness | Vrouwen die geen medicijnen willen of mogen | Vraagt een getrainde hulpverlener en meerdere sessies |
Welke bloedwaarden zijn belangrijk rond de overgang?
Rond de overgang zijn cholesterol, bloedsuiker, schildklier, ijzer en vitamine D belangrijker dan hormoonwaarden. Omdat oestrogeen jarenlang ongemerkt je botten en bloedvaten heeft beschermd, zijn de jaren rond de overgang het goede moment voor een nulmeting. Dat is geen hormoononderzoek maar gewone preventie, en het is veel nuttiger dan overgangsklachten najagen met hormoonwaarden.
Een lipidenspectrum is de logische start, omdat het cholesterol tijdens de overgang vaak stijgt. In Nederland staat cholesterol in mmol/L op je uitslag; volgens de Hartstichting is een totaal cholesterol hoger dan 5 mmol/L te hoog. Ook de bloedsuiker telt, en een controle rond je vijftigste bevat meestal een nuchtere bloedsuiker. Volgens het Diabetesfonds is een nuchtere glucose tot 6,0 mmol/L normaal. Gezonde botten hangen af van genoeg calcium en van de vitamine D-waarde in het bloed; bij risicofactoren kan je arts een botdichtheidsmeting adviseren. Bloeddruk en gewicht maken het plaatje compleet, en over de jaren gevolgd zeggen ze veel meer dan welke hormoonwaarde ook.
Wanneer ga je naar de huisarts?
De overgang vraagt zelden spoedzorg, maar sommige situaties moeten niet wachten. Volgens Thuisarts maak je een afspraak met je huisarts bij:
- Bloedverlies uit de vagina terwijl je al langer dan een jaar niet meer ongesteld bent, ook als het maar één keer en weinig is.
- Heftig ongesteld zijn, bloedverlies dat langer dan een week duurt, of bloedverlies tussen de menstruaties door. Meestal komt het door de overgang, maar soms door bijvoorbeeld een vleesboom.
- Overgangsklachten terwijl je jonger bent dan 40, en ook een menstruatie die stopt voor je 45e.
- Veel last van opvliegers en andere klachten, of klachten die je werk, relaties of veilig autorijden verstoren, zoals ernstige slapeloosheid of aanhoudende somberheid.
- Nieuwe pijn op de borst, kortademigheid, of een gezwollen en pijnlijke kuit, vooral als je hormoontherapie gebruikt. Bel dan dezelfde dag, en bij levensgevaar 112.
- Pijn bij het vrijen of steeds terugkerende blaasontstekingen die je in stilte verdraagt, want er is een goede behandeling.
Het helpt om voorbereid te komen: drie maanden aantekeningen over je menstruatiedata, hoe vaak je klachten hebt en hoe je slaapt, maken een gesprek veel nuttiger dan welk hormoonpanel ook.
Nieuwe wetenschappelijke inzichten
Het onderzoek naar overgangsklachten is sinds 2023 snel gegaan. Dit is wat er veranderde, in gewone woorden.
Een nieuwe groep medicijnen tegen opvliegers werkt zonder hormonen. Grote fase 3-studies met elinzanetant, gepubliceerd in 2024, lieten een duidelijke daling zien van het aantal en de ernst van opvliegers vergeleken met een nepbehandeling, plus beter slapen. Een fase 3-studie is de laatste grote test voordat toezichthouders over goedkeuring beslissen. Wat betekent dit voor jou: als oestrogeen niet geschikt is, is er nu een alternatief dat het hersenmechanisme achter opvliegers aanpakt, in plaats van alleen het gevoel te dempen.
Samengevoegde analyses bevestigen dat deze groep werkt, en zetten het in perspectief. Een systematische review en meta-analyse uit 2025, die de studies met fezolinetant en elinzanetant samenvoegde, vond steeds voordeel; een meta-analyse voegt meerdere studies samen zodat het signaal duidelijker is dan in één studie. Een eerdere netwerkvergelijking uit 2023 zette fezolinetant naast hormoontherapie en oudere niet-hormonale middelen, via gedeelde vergelijkingen met een nepbehandeling in plaats van directe vergelijkingen. Wat betekent dit voor jou: het voordeel is geen toevalstreffer, maar hormoontherapie blijft meestal het werkzaamst, en de nieuwe middelen zijn een alternatief, geen vervanging. Gegevens over de veiligheid op lange termijn worden nog verzameld, en de levercontroles bij fezolinetant zijn een echte verplichting.
Het beeld op lange termijn is officieel bijgewerkt. Een Cochrane-review uit 2025, een van de strengste vormen van bewijs samenvatten, bekeek langdurig hormoongebruik en vond geen reden om het te gebruiken om chronische ziekten bij gezonde vrouwen te voorkomen, naast een kleine toename van bepaalde risico’s. Wat betekent dit voor jou: hormoontherapie is een redelijke keuze als overgangsklachten je leven verstoren, en een slechte keuze als preventief supplement. Kijk regelmatig opnieuw of het nog bij je past.
Richtlijnen kiezen allemaal voor zorg op maat. Een beoordeling uit 2024 van richtlijnen over de overgang wereldwijd vond dat de beste documenten het eens zijn over de belangrijkste klachten en over een diagnose zonder test na je 45e, en de aanbevelingen van de International Menopause Society uit 2025 volgen dezelfde lijn. Wat betekent dit voor jou: zegt je huisarts op je 48e dat een hormoontest niet nodig is, dan is dat de algemene lijn, geen kortere weg. De behandelmogelijkheden groeien nog steeds, dus een gesprek van vijf jaar geleden is het waard om opnieuw te voeren.
Woordenlijst
| Begrip | Uitleg |
|---|---|
| Perimenopauze | De jaren met onregelmatige cycli en schommelende hormonen voor de laatste menstruatie, tot een jaar erna. Duurt vaak twee tot acht jaar. |
| Menopauze | Je laatste ongesteldheid. Gemiddeld rond je 51e, en pas achteraf vast te stellen na een jaar zonder menstruatie. |
| Postmenopauze | De hele periode na twaalf maanden zonder menstruatie, als het oestrogeen laag en stabiel blijft. |
| Vasomotorische klachten | De medische naam voor opvliegers en nachtzweten, doordat de temperatuurregeling in de hersenen overgevoelig wordt. |
| Urogenitaal syndroom van de menopauze | De groep klachten van vagina en blaas door weinig oestrogeen, zoals droogheid, pijn bij het vrijen en aandrang. |
| FSH (follikelstimulerend hormoon) | Een hormoon uit de hypofyse dat stijgt als de eierstokken minder reageren. Schommelt sterk in de perimenopauze en is daarom als losse test weinig bruikbaar. |
| Oestradiol | De belangrijkste vorm van oestrogeen die de eierstokken in de vruchtbare jaren maken. Daalt na de menopauze tot lage waarden. |
| Hormoontherapie | Behandeling met oestrogeen, meestal samen met een progestageen als je een baarmoeder hebt, om overgangsklachten te verlichten. |
| Progestageen | Een hormoon dat samen met oestrogeen wordt gegeven om het baarmoederslijmvlies te beschermen tegen te veel groei. |
| Neurokinine-receptorantagonist | Een niet-hormonaal medicijn dat de hersensignalen achter opvliegers blokkeert. Fezolinetant en elinzanetant horen bij deze groep. |
| Primaire ovariële insufficiëntie (POI) | Het verlies van de normale werking van de eierstokken voor je 40e, ook te vroege overgang genoemd. Komt voor bij ongeveer 1 op de 100 vrouwen. |
Veelgestelde vragen
Wat zijn de eerste symptomen van de overgang?
De eerste verandering is meestal een verschuiving in je cyclus, niet een opvlieger. Cycli worden een paar dagen korter, dan langer, en daarna sla je er soms een over. Daarnaast merken veel vrouwen lichter of zwaarder bloedverlies, slechter slapen, een korter lontje of de eerste keer nachtzweten. Omdat deze signalen geleidelijk komen en makkelijk aan stress of drukte worden toegeschreven, herken je de overgang vaak pas achteraf. Ben je ouder dan 45, is je cyclus onregelmatig geworden en heb je een van deze veranderingen, dan is de perimenopauze de meest waarschijnlijke verklaring en is geen test nodig om dat te bevestigen.
Hoe lang duren overgangsklachten?
Langer dan de meeste vrouwen verwachten. Opvliegers zijn er volgens Thuisarts meestal 3 tot 7 jaar, en volgens het Office on Women’s Health kunnen ze bij sommige vrouwen tot veertien jaar na de laatste menstruatie doorgaan. Thuisarts meldt dat de klachten 5 jaar na je laatste ongesteldheid meestal minder worden. Klachten van slaap en stemming worden vaak binnen een paar jaar beter. Klachten van vagina en blaas gedragen zich anders: die blijven meestal en worden zonder behandeling langzaam erger. Daarom is het beter ze met je huisarts te bespreken dan af te wachten.
Is vergeetachtigheid een normaal symptoom tijdens de overgang?
Vergeetachtigheid komt veel voor tijdens de overgang en is meestal tijdelijk. Moeite met woorden vinden en dingen vergeten worden vaak ‘brain fog’ genoemd. Thuisarts zegt erbij dat niet duidelijk is of deze klachten door de overgang komen of door ouder worden of andere veranderingen in je leven. Slecht slapen door nachtzweten maakt het vaak erger. Blijft het, of wordt het steeds erger, bespreek het dan met je huisarts.
Welk vitaminetekort zorgt voor vergeetachtigheid?
Een tekort aan vitamine B12 kan vergeetachtigheid, concentratieproblemen en moeheid geven, en komt vaker voor op middelbare leeftijd en bij bepaalde medicijnen, zoals metformine of maagzuurremmers. Ook een te traag werkende schildklier en bloedarmoede kunnen je denken vertragen. Je huisarts kan dit met bloedonderzoek nagaan voordat klachten aan de overgang worden toegeschreven.
Waarom ben ik extreem moe tijdens de overgang?
Extreme moeheid in de overgang komt vaak door slecht slapen door nachtzweten, door bloedarmoede bij veel bloedverlies, of door somberheid. Volgens Thuisarts kun je door veel bloedverlies bloedarmoede krijgen, met moeheid en duizeligheid. Ook een schildklier die te traag werkt, geeft moeheid. Daarom zijn een bloedbeeld, ferritine en TSH zinvol als je erg moe bent.
Is het normaal om na een half jaar weer ongesteld te worden?
Ja, in de perimenopauze kan dat: zolang je nog geen jaar zonder menstruatie bent geweest, kan de eisprong onverwacht terugkomen en kun je weer ongesteld worden. Pas na twaalf maanden zonder menstruatie spreek je van de menopauze. Ben je al langer dan een jaar niet ongesteld en krijg je toch bloedverlies, maak dan een afspraak met je huisarts.
Kan ik in de overgang nog zwanger worden?
Ja. De eisprong wordt grillig, maar verdwijnt niet meteen, dus zwanger worden blijft mogelijk. Thuisarts adviseert een voorbehoedmiddel, zoals condooms of een spiraaltje, tot 1 jaar na je laatste ongesteldheid. Je kunt stoppen met een voorbehoedmiddel als je 52 jaar bent; het komt dan bijna nooit meer voor dat vrouwen zwanger worden. Door onregelmatige cycli zijn natuurlijke methoden in deze tijd onbetrouwbaar.
Hoe beïnvloedt een vervroegde overgang de levensverwachting?
Een vervroegde overgang betekent meer jaren met weinig oestrogeen, wat de kans op botontkalking en hart- en vaatziekten vergroot. Met goede begeleiding, vaak met hormonen tot ongeveer de gemiddelde leeftijd van de menopauze, wordt dat risico kleiner. Bespreek een overgang voor je 40e altijd met je huisarts; die kan je doorverwijzen naar een gynaecoloog.
Is hormoontherapie veilig?
Dat hangt af van wie het gebruikt, wanneer je begint en wat je medische geschiedenis is. Voor gezonde vrouwen met vervelende klachten die voor hun 60e of binnen tien jaar na de laatste menstruatie beginnen, vinden de meeste richtlijnen dat de voordelen groter zijn dan de risico’s. Het risico stijgt als je op hogere leeftijd begint, het langer gebruikt, of als borstkanker of trombose bij jou of in je familie voorkomt. Ook de manier van toedienen telt: oestrogeen via de huid vermijdt een deel van het tromboserisico van pillen. Bekijk de keuze elk jaar of twee opnieuw met je huisarts.
Wat helpt zonder hormonen tegen opvliegers?
Een aantal dingen heeft goed bewijs. Cognitieve gedragstherapie en mindfulness verminderen hoe storend opvliegers voelen. Minder alcohol helpt vooral tegen nachtzweten. Clonidine geeft ongeveer één opvlieger minder per dag, maar heeft veel bijwerkingen. De nieuwe neurokinine-receptorantagonisten pakken het hersenmechanisme direct aan, met levercontroles voor één ervan. Kruidenmiddelen, vitamines, zilverkaars en fyto-oestrogenen helpen volgens Thuisarts niet, en ze zijn niet zonder risico omdat je ze zonder recept kunt kopen.
Bronnen
- Thuisarts (NHG) — Ik ben in de overgang, welke overgangsklachten kun je krijgen? — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
- Thuisarts (NHG) — Ik ben in de overgang en heb opvliegers — Thuisarts.nl, geraadpleegd 2026 — thuisarts.nl
- Hartstichting — Hoog cholesterol — hartstichting.nl, geraadpleegd 2026 — hartstichting.nl
- Diabetesfonds — Wat zijn normale bloedsuikerwaarden? — diabetesfonds.nl, geraadpleegd 2026 — diabetesfonds.nl
- MedlinePlus, National Library of Medicine — Menopause, 2026 (Engelstalig) — medlineplus.gov
- Mayo Clinic — Menopause: symptoms and causes, 2026 (Engelstalig) — mayoclinic.org
- Office on Women’s Health, U.S. Department of Health and Human Services — Menopause symptoms and relief, 2026 (Engelstalig) — womenshealth.gov
- U.S. Food and Drug Administration — FDA adds warning about rare occurrence of serious liver injury with use of Veozah (fezolinetant) for hot flashes due to menopause, 2024 (Engelstalig) — fda.gov
- Marjoribanks J, Farquhar C, Roberts H, et al. — Long-term hormone therapy for perimenopausal and postmenopausal women — Cochrane Database of Systematic Reviews, 2025 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41307293
- International Menopause Society — IMS recommendations and key messages on women’s midlife health and menopause — Climacteric, 2025 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/41433054
- Mishra SR, Chung HF, Waller M, et al. — A systematic review and critical appraisal of menopause guidelines — BMJ Sexual and Reproductive Health, 2024 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38336466
- The North American Menopause Society — The 2023 nonhormone therapy position statement of The North American Menopause Society — Menopause, 2023 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/37252752
- Pinkerton JV, Simon JA, Joffe H, et al. — Elinzanetant for the treatment of vasomotor symptoms associated with menopause: OASIS 1 and 2 randomized clinical trials — JAMA, 2024 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39172446
- Sarri G, Pedder H, Dias S, et al. — Systematic review and network meta-analysis comparing the efficacy of fezolinetant with hormone and nonhormone therapies for treatment of vasomotor symptoms due to menopause — Menopause, 2023 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38016166
- Fezolinetant and elinzanetant therapy for menopausal women experiencing vasomotor symptoms: a systematic review and meta-analysis — Obstetrics and Gynecology, 2025 (Engelstalig) — pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39746208
Verder lezen
- Hoog cholesterol: oorzaken, symptomen en behandeling
- Triglyceriden: je bloedwaarden begrijpen
- Calcium in het bloed: je uitslag begrijpen
- Een te snel werkende schildklier: symptomen en behandeling
- Je bloedonderzoek laten uitleggen met BloodSense
Begrijp je labuitslag met BloodSense
Rond de overgang begint labonderzoek echt iets op te leveren, en de belangrijkste getallen zijn zelden de hormonen. Cholesterol, bloedsuiker, schildklier, vitamine D en je ijzervoorraad veranderen allemaal rond je vijftigste, en een bladzijde met getallen en referentiewaarden is alleen niet makkelijk te lezen. BloodSense zet je uitslagen van bloed, urine en ontlasting om in gewone taal, met een lijst met vragen om aan je huisarts te stellen, zodat je goed voorbereid naar je afspraak gaat. Het BloodSense-rapport wordt gemaakt door kunstmatige intelligentie, alleen ter informatie. Het is geen diagnose en geen behandeladvies, en het vervangt het oordeel van je huisarts niet.



