Staar komt bijna nooit van de ene op de andere dag. Staar (cataract) is een vertroebeling van de natuurlijke lens in je oog. Omdat die troebeling over maanden en jaren toeneemt, passen de meeste mensen zich aan zonder te merken hoeveel scherpte ze kwijt zijn. De eerste aanwijzingen zijn praktisch, niet dramatisch: koplampen die uitvloeien in lichtkransen, kleuren die flets lijken, een leesbril die steeds sterker moet.

In dit artikel lees je hoe de klachten zich ontwikkelen, hoe de drie belangrijkste soorten staar van elkaar verschillen, waarom een operatie de enige behandeling is die staar weghaalt, hoe je het goede moment kiest, wat de operatie inhoudt, hoe de kunstlenzen zich tot elkaar verhouden en waarom sommige mensen jaren later denken dat hun staar terug is. Je vindt ook een eerlijk verhaal over wat bloedonderzoek wel en niet over je ogen kan zeggen.

Wat is staar, en waarom gaat het zicht zo langzaam achteruit?

Achter de gekleurde iris zit een heldere, buigzame lens, ongeveer zo groot als een aspirinetablet, die licht op het netvlies scherpstelt. De lens bestaat bijna helemaal uit dicht opeengepakte eiwitten, zo precies geordend dat licht er recht doorheen gaat. Met de jaren gaan die eiwitten samenklonteren en worden de vezels stugger. Het licht verstrooit dan in plaats van scherp te vallen, en de lens verkleurt van helder naar geel en daarna amber. Volgens de Oogvereniging krijgt vrijwel iedereen in de loop van de jaren een minder heldere lens.

Daarom is staar makkelijk te missen. De hersenen compenseren een langzame daling van het contrast, zodat veel mensen het pas merken als iets een vergelijking afdwingt: een oogtest voor het rijbewijs die niet goed gaat, een avondrit die ineens onveilig voelt, of één oog afdekken en ontdekken dat het andere oog al die tijd het werk deed. Meestal hebben beide ogen staar, maar zelden in hetzelfde tempo. Volgens de Oogvereniging verschilt het per persoon hoe snel de klachten erger worden: bij de één duurt het jaren, bij de ander gaat het zicht binnen enkele maanden merkbaar achteruit.

Wat zijn de eerste tekenen van staar?

Thuisarts noemt als klachten: wazig zien, kleuren minder helder zien (soms iets geler of bruiner), dubbelzien als je met één oog kijkt, en slecht zien in het donker, met een grote lichtbol (halo) om lampen en lantaarnpalen.

Verblinding en lichtkransen, vooral ’s avonds

Verstrooid licht is het kenmerk van staar. Tegemoetkomende koplampen worden sterren, straatlantaarns krijgen ringen, en een laagstaande zon maakt van je voorruit een witte muur. Veel mensen stoppen met ’s avonds autorijden lang voordat ze hun zicht overdag wazig zouden noemen. Plan je je boodschappen inmiddels rond het daglicht, dan is dat de moeite van het melden waard.

Fletse kleuren en een gele zweem

Als de lens geler wordt, filtert hij blauw licht weg. Wit wordt crème, blauw lijkt grijs, en kleine kleurverschillen worden moeilijker te zien. De Oogvereniging geeft een voorbeeld: een oranje bloem zie je als een gele of bruine bloem. De verandering gaat zo geleidelijk dat veel mensen het pas merken als het eerste oog is geopereerd en de twee ogen het oneens zijn over de kleur van een witte muur.

Steeds een andere brilsterkte en het ‘tweede zicht’

Een dikker wordende lens verandert ook van sterkte. Daarom hebben mensen met beginnende staar vaak binnen een paar jaar meer dan eens een nieuwe bril nodig. Als de lens harder wordt, kan hij bijzienderder worden, zodat iemand die al tien jaar een leesbril heeft ineens een menukaart zonder bril kan lezen. Die tijdelijke verbetering heet ‘tweede zicht’. Het is geen herstel: het zicht in de verte gaat meestal achteruit terwijl het zicht dichtbij even beter wordt.

Andere veelvoorkomende klachten zijn veel meer licht nodig hebben om te lezen, dubbele of schaduwbeelden in één oog die blijven als je het andere oog dichtdoet, en het algemene gevoel dat je zicht dof is, alsof je door een vuil raam kijkt. Wazig zien heeft veel meer oorzaken dan de lens. Blijft het midden van je zicht vervormd of zie je daar een lege plek, lees dan ook ons overzicht van leeftijdsgebonden maculadegeneratie, een aandoening van het netvlies en niet van de lens, die ander onderzoek vraagt.

De drie belangrijkste soorten staar

Oogartsen delen staar in naar waar de troebeling in de lens begint. De plek voorspelt zowel de klachten als het tempo.

SoortWaar het ontstaatTypische ervaringGebruikelijk tempo
Nucleaire staar (kernstaar)De dichte kern van de lensZicht in de verte gaat eerst achteruit, kleuren worden geler, brilsterkte verschuift naar bijziend, soms ‘tweede zicht’Langzaam, vaak over veel jaren
Corticale staarDe buitenlaag, in wigvormige spaken naar binnenSterke verblinding in fel zonlicht en door koplampen, wisselende helderheidWisselend, vaak ongelijkmatig
Posterieure subcapsulaire staarDe achterkant van de lens, midden in de zichtlijnLezen wordt al vroeg moeilijk, sterke verblinding in fel licht, zicht slechter in de zon dan in de schemerSneller, soms over maanden

Waarom posterieure subcapsulaire staar zich anders gedraagt

Deze soort zit direct achter de pupil en blokkeert vanaf het begin het scherpste deel van het zicht. In fel licht wordt de pupil klein, waardoor al het licht door het troebele plekje moet; een zonnige dag kan dan erger zijn dan een bewolkte. Hij gaat sneller dan de andere soorten en komt vaker voor bij jongere mensen, bij mensen met diabetes en bij langdurig gebruik van corticosteroïden. Is je zicht binnen één jaar duidelijk veranderd, dan is dit het patroon waar je oogarts eerst naar kijkt.

Staar oorzaak: wat verhoogt het risico?

Leeftijd is de belangrijkste factor, maar verschillende aandoeningen halen het eerder naar voren. Thuisarts noemt als oorzaken ouder worden, sommige ziektes zoals diabetes, sommige medicijnen zoals prednison, een ongeluk aan je oog, een ontsteking in je oog en bestraling van hoofd of hals. Staar kan ook aangeboren zijn, en staar op jonge leeftijd komt soms in de familie voor. Mayo Clinic noemt daarnaast roken, overgewicht, veel alcohol en veel zon.

Diabetes en de bloedsuiker

Een hoge bloedsuiker verandert de chemie in de lens: te veel suiker wordt omgezet in sorbitol, dat water aantrekt, de lensvezels laat opzwellen en de vertroebeling versnelt. Mensen met diabetes krijgen vaak eerder staar en worden vaak jonger geopereerd. Schommelingen in de bloedsuiker geven ook tijdelijk wazig zicht, wat makkelijk wordt aangezien voor erger wordende staar. Wie diabetes heeft, leest vaak ons uitgebreide artikel over diabetes, omdat een stabielere bloedsuiker een van de weinige knoppen is die het tempo van lensveranderingen echt beïnvloedt.

Langdurig gebruik van corticosteroïden

Corticosteroïden als tablet (zoals prednison), in hoge dosis geïnhaleerd, in een gewricht gespoten of lang als oogdruppels gebruikt, hangen duidelijk samen met posterieure subcapsulaire staar. Het risico hangt af van dosis en duur, niet van af en toe een korte kuur. Dit is geen reden om een voorgeschreven medicijn te stoppen; het is een reden om je oogarts te vertellen dat je het gebruikt. Langdurig veel cortisol, door medicijnen of door ziekte, kan ook het geheel van signalen dat het syndroom van Cushing heet geven.

Wat je zelf kunt beïnvloeden

Een zonnebril die uv-A en uv-B tegenhoudt, vermindert de totale blootstelling van de lens. Stoppen met roken helpt op elke leeftijd, een veiligheidsbril voorkomt de meeste staar door een ongeluk, en gewicht en stofwisseling werken via de diabetesroute hierboven. Niets daarvan lost bestaande staar op: preventie zet de klok langzamer, niet terug.

Hoe kan ik testen of ik staar heb?

Staar wordt vastgesteld door naar het oog te kijken, niet door bloed te testen. Thuisarts adviseert: zie je minder goed en denk je aan staar, maak dan een afspraak bij een brillenwinkel met een optometrist. Die kan je doorsturen naar een oogarts als je er last van hebt. Een opticien kan je ogen ook testen, maar kan je niet rechtstreeks naar de oogarts sturen; wel naar de huisarts, die je kan doorverwijzen. Bij de oogarts krijg je oogdruppels, waardoor je een paar uur niet goed ziet; neem dus iemand mee.

Kan een opticien zien dat je staar hebt?

Een opticien of optometrist kan aanwijzingen voor staar vinden, bijvoorbeeld als je met een nieuwe bril niet scherper gaat zien. Een optometrist kan de lens ook bekijken. De diagnose en het besluit over een operatie liggen bij de oogarts. Die doet een gezichtsscherptetest met een letterkaart, onderzoek met de spleetlamp (een microscoop die een smalle lichtbundel door de lens schijnt), een onderzoek van het netvlies met wijde pupillen om andere oorzaken uit te sluiten, en vaak een verblindingstest. Die laatste is belangrijk, omdat sommige mensen de letterkaart in een schemerige kamer goed lezen en toch ’s avonds niet veilig kunnen rijden.

Wat bloedonderzoek wel en niet zegt

Bloed- en urineonderzoek sporen geen staar op. Ze beschrijven wel de stofwisseling op de achtergrond die bepaalt hoe snel staar ontstaat. Wie een stijgende gemiddelde bloedsuiker heeft, mag eerdere lensveranderingen verwachten. Een arts vraagt dan soms een HbA1c-waarde aan, die de afgelopen drie maanden beslaat (in Nederland in mmol/mol). Gewone diabetescontrole omvat ook een nuchtere glucosemeting (in mmol/L), en sommige laboratoria zetten dat gemiddelde om in een geschatte gemiddelde glucose in dezelfde eenheid als een thuismeter. Mensen die lang steroïden gebruiken, krijgen soms een cortisoltest als het klinische beeld daarom vraagt.

Onderzoek vóór de operatie volgt dezelfde logica: het hangt af van je algemene gezondheid en je medicijnen, niet van het oog zelf. Cochrane-onderzoekers die drie gerandomiseerde studies met meer dan twintigduizend staaroperaties samenvoegden, vonden dat routinematig bloedonderzoek en hartfilmpjes vóór de operatie niet minder complicaties gaven, maar wel veel meer kostten dan alleen testen wie het nodig had. Je operatieteam kan nog steeds een bloedbeeld of een creatininewaarde laten bepalen als je een andere aandoening hebt die daarom vraagt, maar een gezond iemand heeft vaak helemaal geen labonderzoek nodig voor een staaroperatie.

Oogverslagen gebruiken ook Latijnse afkortingen. Het helpt om de afkorting OD voor het rechteroog en de afkorting OU voor beide ogen te kennen; in Nederland zie je ook vaak R en L of ODS.

Behandeling: een staaroperatie is de enige optie die werkt

Er bestaan geen druppels, tabletten, kruiden of supplementen die een troebele lens weer helder maken. Ook de Oogvereniging zegt: de enige behandeling van staar is een operatie. Druppels die worden aangeprezen als ‘staaroplossend’ zijn daar niet voor goedgekeurd, en antioxidantvitamines zijn uitgebreid onderzocht zonder dat ze de troebeling bij mensen terugdraaien. Wat tijdelijk helpt, is optisch: een nieuwe bril, een ontspiegelingslaag, betere leeslampen, een vergrootglas voor fijn werk. Dat koopt tijd en comfort, maar stopt het vertroebelen niet.

Wanneer is het tijd voor een operatie?

Geen getal op de letterkaart bepaalt het moment. De moderne standaard is functioneel: een operatie past als de staar je hindert bij wat je moet of wilt doen, en als je oogarts verwacht dat het zicht beter wordt als de lens wordt vervangen. Thuisarts benadrukt dat je ook kunt kiezen voor afwachten, en later alsnog voor een operatie. Vragen om jezelf te stellen:

  • Rijd je ’s avonds niet meer, of voelt autorijden in het donker onveilig?
  • Gaan lezen, koken of traplopen moeilijker door dof of wazig zicht?
  • Heb je een hobby opgegeven, zoals naaien, golfen of kleine letters lezen?
  • Ben je gevallen, of verblinden koplampen je een paar seconden?

Twee keer ja betekent meestal dat het gesprek de moeite waard is. Afwachten is zelden gevaarlijk, maar heel vergevorderde staar is moeilijker te verwijderen.

Wat gebeurt er als je niet wordt geopereerd aan staar?

Dan wordt de staar langzaam erger en ga je steeds minder goed zien, schrijft Thuisarts. Volgens het Oogfonds kan staar zonder behandeling uiteindelijk leiden tot slechtziendheid en in ernstige gevallen tot blindheid, maar met een operatie op tijd wordt blindheid vrijwel altijd voorkomen. Plotseling zichtverlies, pijn in het oog, lichtflitsen, een gordijn voor je zicht of snel meer zwevende vlekjes zijn geen klachten van staar; bel daarvoor meteen je huisarts of de huisartsenpost. Mensen die ook een verhoogde oogdruk hebben, lezen best ons artikel over glaucoom, omdat de twee vaak samen voorkomen en soms in dezelfde operatie worden behandeld.

Wat houdt een staaroperatie in?

Een staaroperatie is een korte dagbehandeling die meestal vijftien tot dertig minuten per oog duurt. Je blijft wakker, het oog wordt verdoofd met druppels of een prikje, en hechtingen zijn zelden nodig. Volgens het Oogfonds is de operatie meestal pijnloos; je kunt tijdens de ingreep wel licht of bewegingen zien, maar geen scherpe beelden.

De oogarts maakt een sneetje van een paar millimeter aan de rand van het hoornvlies, opent een rond venster in de voorkant van het lenszakje en breekt de troebele lens met trillingen (phaco-emulsificatie) in kleine stukjes die worden weggezogen. Het lenszakje blijft zitten, en een opgevouwen kunstlens gaat door hetzelfde sneetje naar binnen en ontvouwt zich in het zakje. Meestal wordt het tweede oog een paar weken later geopereerd. Soms kunnen beide ogen op één dag, als je in allebei je ogen staar hebt en geen andere oogproblemen; daarvoor moet je soms naar een ander ziekenhuis.

Het zicht is vaak binnen een dag of twee duidelijk helderder. Het oog komt in vier tot zes weken tot rust, met druppels in een afbouwschema. Volgens Thuisarts kun je ongeveer 6 weken na de operatie naar de brillenwinkel voor een nieuwe bril, en heb je meestal nog wel een bril of leesbril nodig. Het Amerikaanse National Eye Institute meldt dat ongeveer negen op de tien mensen na een staaroperatie beter zien. Ernstige complicaties zoals een infectie of netvliesloslating zijn zeldzaam maar echt; daarom draait de beslissing om je functioneren en niet om een datum.

Een kunstlens kiezen: een eerlijke blik op de afwegingen

De kunstlens is een blijvende keuze, en dit is het deel waarop patiënten het minst zijn voorbereid. Elk ontwerp lost één probleem op en brengt een ander mee.

Soort lensWat hij doetAfwegingVergoeding (volgens het Oogfonds)
Enkelvoudig (monofocaal)Stelt scherp op één afstand, meestal veraf, met uitstekend contrast en goed zicht ’s nachtsVoor dichtbij heb je een leesbril nodigDe meest gebruikte kunstlens
TorischCorrigeert tegelijk een cilinderafwijking (astigmatisme)Moet precies worden uitgelijnd en kan iets draaien; blijft enkelvoudig tenzij gecombineerdVaak is een eigen bijdrage nodig
Multifocaal of trifocaalVerdeelt het licht voor zicht veraf, tussenafstand en dichtbij, met minder afhankelijkheid van een brilLichtkransen en schitteringen ’s nachts komen vaak voor, en het contrast is iets minderWorden meestal niet vergoed door de zorgverzekeraar
Extended depth of focus (EDOF)Rekt één scherptezone op voor veraf en tussenafstand, zoals een computerschermKleine letters vragen vaak nog een bril; ’s nachts blijven wat lichtkransenVraag vooraf wat je zelf betaalt

Vraag bij een speciale lens altijd vooraf welk deel je zelf moet betalen, per oog. Een staaroperatie in het ziekenhuis kan meetellen voor je eigen risico; vraag dat na bij je zorgverzekeraar. Mensen die veel ’s avonds rijden en iedereen wiens werk afhangt van contrast bij weinig licht, zijn vaak beter af met een enkelvoudige lens: lichtkransen zijn de meest voorkomende spijt na een multifocale lens.

Nastaar: als de staar terug lijkt te komen

Maanden of jaren na een geslaagde operatie kan het zicht langzaam weer troebel worden, met dezelfde waas en verblinding als eerst. Mensen zeggen dan dat de staar is teruggekomen. Dat kan niet: de eigen lens is weg. Achtergebleven lenscellen zijn over het dunne lenszakje gegroeid dat de kunstlens vasthoudt, en dat vliesje is troebel geworden. Dat heet nastaar. Volgens Thuisarts heeft 5 jaar na de operatie 1 op de 4 mensen last van nastaar.

Daarvoor hoef je niet terug naar de operatiekamer. Een korte laserbehandeling (YAG-laser) maakt een klein helder venster in het midden van het troebele vliesje. Dat duurt een paar minuten aan een apparaat dat lijkt op het apparaat voor oogonderzoek, doet geen pijn op de druppels na, en geeft meestal dezelfde dag weer helder zicht. De meeste mensen hebben het maar één keer per oog nodig.

Nieuwste wetenschappelijke inzichten

Het onderzoek gaat minder over de operatie zelf, die al heel verfijnd is, en meer over de vraag welke kunstlens bij welke patiënt past.

Trifocale lens tegenover EDOF-lens

Een Cochrane-review uit 2024 voegde vijf studies samen die trifocale lenzen vergeleken met EDOF-lenzen. Het zicht in de verte was met beide vergelijkbaar, terwijl trifocale lenzen beter zicht dichtbij gaven zonder bril. Beide gaven verblinding en lichtkransen, en de onderzoekers vonden de zekerheid van het bewijs laag, dus toekomstige studies kunnen het beeld veranderen. Wat betekent dit voor jou? Is lezen zonder bril je prioriteit, dan levert een trifocale lens dat eerder, maar reken in beide gevallen op wat lichtkransen ’s nachts.

Vijf jaar na een trifocale lens

Een studie uit 2025 volgde patiënten vijf jaar nadat ze in beide ogen trifocale lenzen kregen. De meesten zagen nog goed op alle afstanden, de grote meerderheid had geen bril nodig, en de tevredenheid bleef hoog. Ongeveer één op de vijf zag ’s nachts nog matige tot ernstige lichtkransen, en de meeste ogen hadden uiteindelijk de korte laserbehandeling voor nastaar nodig, gemiddeld ongeveer twee jaar na de operatie. Een aparte studie over tien jaar met gewone lenzen vond dat de laser maar bij ongeveer één op de twintig ogen nodig was. Wat betekent dit voor jou? De laserbehandeling is een normaal onderdeel van de route, geen teken dat er iets mis ging.

Een goedkopere route naar minder brilafhankelijkheid

Een review uit 2025 bekeek mini-monovisie: één oog wordt met gewone enkelvoudige lenzen ingesteld op iets dichterbij. Tevredenheid en brilvrijheid kwamen dicht bij wat multifocale lenzen geven, terwijl het diepte zien beter behouden bleef dan bij oudere, sterkere monovisie. Wat betekent dit voor jou? Is een speciale lens te duur voor je, dan is dit een serieuze optie om te bespreken.

Diabetes en staar, genetisch onderzocht

Een analyse uit 2025 gebruikte erfelijke variatie om te testen of diabetes type 2 echt verschillende aandoeningen veroorzaakt die er vaak bij horen. Staar was een van de aandoeningen waarbij het bewijs op een oorzakelijk verband wees, grotendeels via lichaamsgewicht en suikerhuishouding. Zulke studies zijn indirect en voorspellen niet wat er met één persoon gebeurt. Wat betekent dit voor jou? Het verband tussen diabetes en eerdere staar is geen toeval van ouder worden, en de factoren die meespelen zijn precies die je gewone labonderzoek al volgt.

Woordenlijst

BegripUitleg
Staar (cataract)Een vertroebeling van de natuurlijke lens van het oog, die licht verstrooit en de scherpte en het contrast van het zicht vermindert.
Lenszakje (kapsel)Het dunne doorzichtige zakje waarin de natuurlijke lens zit. Het blijft bij de operatie zitten om de kunstlens te dragen.
KunstlensDe blijvende kunstmatige lens die in plaats van de troebele eigen lens wordt geplaatst.
Enkelvoudige lensEen kunstlens die op één afstand scherpstelt, meestal veraf, met uitstekend contrast. Een leesbril blijft meestal nodig.
Torische lensEen kunstlens die een cilinderafwijking corrigeert, een ongelijk gebogen hoornvlies dat het zicht op elke afstand wazig maakt.
Phaco-emulsificatieDe standaardtechniek waarbij de troebele lens met trillingen in kleine stukjes wordt gebroken die voorzichtig worden weggezogen.
NastaarTroebeling van het lenszakje achter de kunstlens, maanden of jaren na de operatie. Wordt vaak aangezien voor terugkerende staar.
YAG-laserbehandelingEen korte, pijnloze laserbehandeling die een helder venster maakt in een troebel lenszakje en meestal dezelfde dag het zicht herstelt.
SpleetlampEen microscoop die een smalle lichtbundel door het oog schijnt, zodat de arts de lens laag voor laag kan bekijken.
Tweede zichtEen tijdelijke verbetering van het zicht dichtbij doordat een harder wordende lens bijzienderder wordt. Een klacht, geen herstel.

Veelgestelde vragen

Hoe merk je dat je staar hebt?

Bij de meeste mensen begint het niet met wazig zien, maar met verblinding. Koplampen, een laagstaande zon en fel licht binnen geven lichtkransen of sterren, en ’s avonds rijden wordt onprettig voordat er overdag iets duidelijk wazig lijkt. Een goede tweede is meer licht nodig hebben om te lezen, en een derde een brilsterkte die in korte tijd twee keer is veranderd. Omdat de verandering langzaam gaat, is het een nuttige thuischeck om één oog tegelijk te testen terwijl je het andere afdekt. Alles wat je plotseling merkt, in uren of dagen, past niet bij staar en moet snel bekeken worden.

Hoe ziet je zicht eruit met staar?

De meeste mensen beschrijven het als kijken door een vuile voorruit of een besmeurde bril: niet donker, maar dof, met weinig contrast en een beetje geel. Rechte lijnen blijven recht, en daarin verschilt het van netvliesproblemen die lijnen golvend maken. ’s Avonds krijgen lichtpunten ringen of stralen. Kleuren verliezen hun felheid, vooral blauw en paars. Staar in één oog kan ook schaduw- of dubbelbeelden in alleen dat oog geven, die blijven als je het andere oog dichtdoet.

Wat is de gemiddelde leeftijd voor staar?

Ouderdomsstaar is de meest voorkomende vorm en wordt duidelijker naarmate je ouder wordt; veel mensen worden pas na hun zestigste of zeventigste geopereerd. Bij mensen met diabetes, langdurig steroïdgebruik of een oogletsel kan staar al veel eerder komen, en heel soms is staar aangeboren. Er is dus geen vaste leeftijd: het gaat erom of de staar je hindert.

Kun je staar voorkomen?

Helemaal voorkomen kan niet, omdat leeftijd de belangrijkste oorzaak is. Je kunt het wel afremmen door je ogen tegen uv-licht te beschermen met een zonnebril, niet te roken, je bloedsuiker gezond te houden, oogbescherming te dragen bij riskante klussen en corticosteroïden niet langer te gebruiken dan echt nodig. Geen supplement, oogdruppel of oefening heeft bewezen dat het staar laat verdwijnen, dus wees sceptisch over producten die dat beloven.

Hoe lang duurt een staaroperatie, en hoe lang het herstel?

De operatie zelf duurt meestal vijftien tot dertig minuten per oog, en je gaat dezelfde dag naar huis. De meeste mensen zien binnen één tot drie dagen helderder. Het oog komt meestal in vier tot zes weken tot rust; daarna kan een nieuwe bril worden aangemeten als dat nodig is. Je gebruikt voorgeschreven druppels volgens een afbouwschema, en je wrijft niet in je oog, zwemt niet en tilt niet zwaar gedurende een korte periode. Autorijden kan weer als je oogarts bevestigt dat je zicht aan de eisen voor het rijbewijs voldoet.

Kan staar terugkomen na een operatie?

Nee. De eigen lens wordt weggehaald en kan niet teruggroeien. Wat wel kan, is dat het lenszakje rond de kunstlens troebel wordt en maanden of jaren later bijna dezelfde klachten geeft. Dat is nastaar, en het wordt behandeld met een laser van een paar minuten op de poli, niet met een nieuwe operatie. Het komt vaak voor, het is geen gevolg van een slechte operatie, en het is meestal maar één keer per oog nodig.

Wat is het verschil tussen staar en glaucoom?

Staar maakt de lens troebel en vermindert de helderheid van het zicht, langzaam en pijnloos, en is met een operatie goed te behandelen. Glaucoom beschadigt de oogzenuw, meestal samen met een verhoogde druk in het oog, en neemt eerst het zicht aan de zijkanten weg zonder vroege klachten. Schade door glaucoom is blijvend; daarom is opsporing via regelmatig oogonderzoek zo belangrijk. De twee komen bij oudere volwassenen vaak samen voor, en een staaroperatie kan de oogdruk soms verlagen, dus ze worden vaak door dezelfde specialist behandeld.

Bronnen

  • National Eye Institute, National Institutes of Health — Cataracts, 2025 (Engelstalig) — nei.nih.gov
  • Mayo Clinic — Cataracts: symptoms and causes, 2025 (Engelstalig) — mayoclinic.org
  • Cleveland Clinic — Cataracts, 2025 (Engelstalig) — my.clevelandclinic.org
  • Tavassoli S, Ziaei H, Yadegarfar ME, Gokul A, Kernohan A, Evans JR, Ziaei M — Trifocal versus extended depth of focus (EDOF) intraocular lenses after cataract extraction — Cochrane Database of Systematic Reviews, 2024 (Engelstalig) — doi.org/10.1002/14651858.CD014891.pub2
  • Chen L, Sun L, Tang Y, et al. — 5-year trifocal intraocular lens outcomes: visual performance, stability, and satisfaction — American Journal of Ophthalmology, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1016/j.ajo.2025.06.047
  • Haripriya A, Chandrashekharan S, Schehlein EM, et al. — Aravind Pseudoexfoliation Study (APEX): 10-year postoperative results — American Journal of Ophthalmology, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1016/j.ajo.2025.06.043
  • Kang S, Hsu J, Yoo SH — Pseudophakic mini-monovision — Survey of Ophthalmology, 2025 (Engelstalig) — doi.org/10.1016/j.survophthal.2025.11.010
  • Arruda AL, Bocher O, Taylor HJ, et al. — The effect of type 2 diabetes genetic predisposition on non-cardiovascular comorbidities — Nature Communications, 2025 — doi.org/10.1038/s41467-025-64927 (Engelstalig) — doi.org/10.1038/s41467-025-64927-5
  • Keay L, Lindsley K, Tielsch J, Katz J, Schein O — Routine preoperative medical testing for cataract surgery — Cochrane Database of Systematic Reviews, 2019 (Engelstalig) — doi.org/10.1002/14651858.CD007293.pub4
  • Thuisarts (NHG) — Staar — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Thuisarts (NHG) — Ik zie minder goed en denk dat ik staar heb — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Thuisarts (NHG) — Ik heb staar en denk na over een operatie — Thuisarts.nl, 2026 — thuisarts.nl
  • Oogfonds — Staar — Oogfonds, 2026 — oogfonds.nl
  • Oogvereniging — Staar — Oogvereniging, 2026 — oogvereniging.nl

Verder lezen

Begrijp je labuitslag met BloodSense

Staar wordt gevonden met oogonderzoek, niet met een bloedtest, maar de stofwisseling erachter is vaak te zien in je gewone labuitslag. HbA1c en nuchtere glucose laten zien hoe goed je bloedsuiker geregeld is, en uitslagen die met steroïdgebruik of nierfunctie te maken hebben kunnen meetellen bij het plannen van een operatie. BloodSense leest je labuitslag in gewone taal en laat zien welke waarden het bespreken waard zijn, met een lijst met vragen om aan je huisarts te stellen. Het helpt je je uitslag te begrijpen; het stelt geen diagnose en vervangt je huisarts of oogarts niet.

Laat je labuitslag uitleggen met BloodSense

De informatie op deze pagina is bedoeld als uitleg en vervangt geen consult bij je huisarts of oogarts. Het BloodSense-rapport wordt gemaakt door kunstmatige intelligentie, alleen ter informatie. Het is geen diagnose en geen behandeladvies.