Basofielen, voluit basofiele granulocyten, zijn de zeldzaamste van de vijf soorten witte bloedcellen in je bloed. Een bepaling van basofielen komt bijna nooit los. Het getal staat als één regel in de leukocytendifferentiatie (de ‘diff’) van een gewoon bloedbeeld, vaak als een percentage dicht bij nul of als een getal zoals 0,0 of 0,01. Dat kleine getal wordt makkelijk verkeerd gelezen, in twee richtingen. Een uitslag van nul maakt sommige mensen onnodig ongerust, terwijl een licht verhoogde waarde soms wordt weggewuifd terwijl hij een tweede blik verdient. In dit artikel lees je wat basofielen doen, wat de normale waarde is, waardoor het aantal stijgt of daalt, hoe de uitslag past bij de andere witte bloedcellen op je uitslag en welke bevindingen je met je huisarts bespreekt.

Wat zijn basofielen en wat meet de test?

Basofielen zijn witte bloedcellen die in je beenmerg worden gemaakt. Ze horen bij de granulocyten: cellen die vol zitten met korreltjes (granula), kleine opslagzakjes met chemische boodschappers. Wordt een basofiel geprikkeld, dan laat hij die stoffen los in het omliggende weefsel. De twee bekendste zijn histamine, die kleine bloedvaten verwijdt en zorgt voor de jeuk, zwelling en loopneus van een allergische reactie, en heparine, een natuurlijke antistollingsstof die voorkomt dat het bloed op die plek te snel stolt. De Nederlandse Internisten Vereniging beschrijft basofielen kort als cellen die betrokken zijn bij allergische reacties. Sanquin voegt toe dat ze zorgen voor een ontstekingsreactie, waardoor schadelijke stoffen en weefselschade worden opgeruimd.

Volgens Allesovertesten.nl, de voorlichtingssite van de NVKC, komen basofielen vooral voor in weefsels waar allergische reacties plaatsvinden, zoals de huid, de neus en de longen. Omdat ze vooral daar actief zijn, zegt hun aantal in de bloedbaan volgens dezelfde bron niet zo veel. Je laboratorium voert meestal ook geen losse basofielentest uit. Het aantal wordt automatisch bepaald als onderdeel van de differentiatie van de witte bloedcellen, die zelf deel uitmaakt van het volledig bloedbeeld. Een analyseapparaat sorteert je witte bloedcellen op grootte en binnenstructuur en meldt hoeveel het er van elke soort vond.

Wat is de diff bij bloedonderzoek?

De diff, voluit leukocytendifferentiatie, is het onderdeel van het bloedonderzoek dat de vijf soorten witte bloedcellen van elkaar onderscheidt: neutrofielen, lymfocyten, monocyten, eosinofielen en basofielen. Allesovertesten.nl legt uit dat de diff laat zien of deze cellen in de juiste hoeveelheden aanwezig zijn en of ze normale eigenschappen hebben. Artsen gebruiken de test om te beoordelen of je afweer infecties aankan, om de ernst van allergische reacties en bacteriële infecties te onderzoeken en om beenmergaandoeningen en leukemie vast te stellen en te volgen.

Omdat basofielen zo’n klein deel van het totaal vormen, laten de meeste uitslagen dezelfde informatie op twee manieren zien. Het percentage vertelt welk deel van je witte bloedcellen basofielen waren. Het absolute aantal vertelt hoeveel basofielen er in een vaste hoeveelheid bloed zaten. Het absolute getal is het stabielst, omdat een percentage al verschuift als een andere celsoort stijgt of daalt. Stijgen je neutrofielen flink tijdens een infectie, dan kan je percentage basofielen dalen terwijl het echte aantal basofielen niet veranderde. Daarom wegen artsen die naar je totaal aantal witte bloedcellen kijken de absolute waarden zwaarder dan de percentages.

Wat is de normale waarde van basofielen?

Referentiewaarden verschillen per laboratorium, omdat ze afhangen van het apparaat, de lokale bevolking en de gebruikte eenheden. Vergelijk je uitslag dus altijd met de waarden op je eigen uitslag en niet met een getal dat je online vindt. De getallen hieronder geven wel een goed idee van de schaal.

Allesovertesten.nl noemt een normaal percentage basofielen van slechts 0 tot 2 procent van alle witte bloedcellen, wat overeenkomt met 0 tot 0,2 ×10^9 cellen per liter. De Nederlandse Internisten Vereniging hanteert een normaalwaarde onder 0,2 miljard per liter. Het laboratorium van het UMC Utrecht gebruikt vanaf de leeftijd van 7 dagen 0 tot 0,2 ×10^9/L, en Star-shl hanteert 0,0 tot 0,15 ×10^9/L. Amerikaanse laboratoria rekenen met ongeveer 0 tot 300 cellen per microliter, wat gelijk is aan 0 tot 0,3 ×10^9/L.

Hoe de uitslag wordt gemeldGebruikelijke waarde bij volwassenenWat het je vertelt
Basofielen in procentenOngeveer 0 tot 2 procent van de witte bloedcellenHet deel van je witte bloedcellen dat basofiel was; verandert als andere celsoorten veranderen
Basofielen absoluutOngeveer 0 tot 0,2 ×10^9/LHet echte aantal basofielen in een vaste hoeveelheid bloed; het betrouwbaarste getal
Basofielen gemeld als 0 of 0,0Binnen de normale waardenKomt vaak voor en is meestal onschuldig, omdat de ondergrens nul is
BasofilieBoven de bovengrens van het laboratoriumDe medische term voor een verhoogd aantal basofielen, gelezen samen met de rest van de uitslag
BasopenieOnder de ondergrens van het laboratoriumMoeilijk precies te bepalen, omdat normaal al nul omvat

Uit die tabel volgen twee praktische punten. Ten eerste is een basofielenwaarde van nul op zichzelf geen afwijking, omdat de referentiewaarden bij nul beginnen. Ten tweede gaat het bij basofilie om een kleine absolute stijging. Het verschil tussen een normaal en een verhoogd aantal kan op papier dus heel klein lijken en toch iets betekenen. Staat er een markering of sterretje naast de regel, dan betekent die hetzelfde als bij elke andere labwaarde. Het helpt om eerst de uitleg over binnen de normale grenzen te lezen voordat je conclusies trekt.

Basofielen verhoogd: wat kan het betekenen?

Een verhoogd aantal basofielen, basofilie genoemd, komt niet vaak voor en wordt bijna nooit los gelezen. De betekenis hangt af van de rest van je uitslag. Dit zijn de belangrijkste groepen oorzaken die je arts overweegt.

  • Allergische aandoeningen en overgevoeligheid, zoals hooikoorts, reacties op voedsel of medicijnen en chronische netelroos. Basofielen geven tijdens deze reacties histamine af, dus een aanhoudend allergisch proces kan het aantal iets verhogen.
  • Chronische ontstekingsziekten en auto-immuunziekten, zoals chronische darmontsteking of reumatoïde artritis, waarbij de afweer langdurig actief is en meerdere celsoorten tegelijk verandert.
  • Een te traag werkende schildklier. Hypothyreoïdie is een van de klassieke niet-allergische oorzaken van een licht verhoogd aantal basofielen. Dat is een reden waarom een arts naast een herhaling van het bloedbeeld een TSH-waarde in je bloed kan laten bepalen.
  • Bepaalde beenmergziekten. Een blijvend verhoogd aantal basofielen, vooral als het totaal aan witte bloedcellen ook hoog is en er onrijpe cellen op de uitslag staan, is een van de kenmerken waar artsen op letten bij myeloproliferatieve aandoeningen. Dat is een groep ziekten waarbij het beenmerg te veel bloedcellen maakt.
  • Herstel na een infectie en de periode na het verwijderen van de milt, die allebei de differentiatie tijdelijk kunnen verschuiven.

Allesovertesten.nl noemt als oorzaken van een verhoogd aantal ook verschillende soorten leukemie, zoals acute myeloïde leukemie (AML) en chronische myeloïde leukemie (CML). Volgens die bron is dan vaak ook het aantal eosinofielen verhoogd. Ook na blootstelling aan giftige stoffen of na bestraling kan het aantal basofielen in het bloed hoger zijn.

Juist omdat beenmergziekten in dit rijtje staan, wordt een losse basofilie serieus genoeg genomen om de test te herhalen. Voor de meeste mensen is het wel de minst waarschijnlijke verklaring. Eén licht verhoogde meting bij iemand die zich goed voelt, met alle andere regels binnen de normale waarden, leidt meestal tot een herhaling na een paar weken en niet tot direct uitgebreid onderzoek. De zorg neemt toe als het verhoogde aantal bij meerdere metingen blijft, of als het samengaat met onverklaarde vermoeidheid, nachtzweten, gewichtsverlies, een vergrote milt of afwijkingen in de rode bloedcellen en bloedplaatjes. Een ontsteking elders in het lichaam kan ook zichtbaar worden in een CRP-waarde in je bloed, die je arts helpt inschatten of er een actief ontstekingsproces is.

Welke bloedcellen zijn verhoogd bij kanker?

Er is geen enkele bloedcel die kanker aantoont. Een verhoogd aantal basofielen betekent zeker niet dat je leukemie hebt. Bij bloedkankers zoals CML kijken artsen naar het hele patroon: het totaal aan witte bloedcellen, onrijpe cellen, de rode bloedcellen, de bloedplaatjes en ook het aandeel basofielen. Alleen de combinatie, bevestigd door verder onderzoek, geeft een antwoord. Meer achtergrond lees je in de uitleg over leukemie: klachten en behandeling.

Basofielen te laag of nul: wat kan het betekenen?

Omdat basofielen al zo schaars zijn, is een laag aantal echt lastig te definiëren. Standaardapparaten tellen per monster een beperkt aantal cellen. Als een celsoort ongeveer één op de tweehonderd witte bloedcellen is, verklaart toeval alleen al veel uitslagen van nul. Dat is het belangrijkste om te begrijpen over een lage uitslag: voor de meeste mensen heeft die geen enkele medische betekenis.

Wordt een laag aantal toch onderzocht, dan gaat het meestal om situaties waarin basofielen sneller worden verbruikt dan het beenmerg ze aanvult, of waarin het beenmerg tijdelijk wordt geremd. Een acute allergische reactie kan basofielen uit de bloedbaan naar het aangedane weefsel trekken. Een ernstige infectie, een periode van flinke lichamelijke of emotionele stress en een te snel werkende schildklier kunnen het aantal allemaal verlagen. Corticosteroïden zoals prednison zijn een andere veelvoorkomende oorzaak, omdat ze meerdere soorten witte bloedcellen verlagen. Dat is een reden waarom je arts naar je huidige medicijnen vraagt voordat hij iets met een differentiatie doet.

In de praktijk gaat een arts zelden achter een laag aantal basofielen alleen aan. Het wordt pas belangrijk als het hele beeld van de witte bloedcellen laag is. De aandacht gaat dan naar het totaal en naar de neutrofielen in je bloed, die veel zwaarder wegen bij het inschatten van het risico op infecties.

Hoe passen basofielen bij de rest van de differentiatie?

De differentiatie wordt pas nuttig als je hem als patroon leest. Elk van de vijf soorten witte bloedcellen reageert op een ander soort uitdaging, dus de vorm van het geheel zegt meer dan één losse regel. De tabel hieronder laat zien waar basofielen staan tussen hun buren.

Soort witte bloedcelAandeelBelangrijkste taakStijgt vaak bij
NeutrofielenGrootste aandeelEerste verdediging tegen bacteriënBacteriële infectie, weefselschade, lichamelijke stress
LymfocytenTweede grootsteGericht afweergeheugen en aanmaak van antistoffenVirusinfectie, sommige chronische aandoeningen
MonocytenKlein aandeelAfval opruimen en langere afweerreacties sturenChronische infectie, herstelfase, ontsteking
EosinofielenKlein aandeelReactie op parasieten en allergische ontstekingAllergie, astma, parasitaire infectie, sommige huidziekten
BasofielenKleinste aandeelHistamine en heparine afgeven bij directe reactiesAllergische en ontstekingsziekten, trage schildklier, beenmergziekten

Basofielen en eosinofielen bewegen vaak samen, omdat ze allebei bij allergische processen betrokken zijn. Ze naast elkaar lezen zegt meer dan elk apart. Staan ze allebei hoog, dan is een allergische of ontstekingsoorzaak aannemelijker dan een probleem in het beenmerg, en is het de moeite waard om tegelijk de uitleg over eosinofielen in je bloed te lezen. Ook een verschuiving in de lymfocyten in je bloed of in je monocyten in je bloed helpt om een basofielenuitslag in context te plaatsen.

Wat verandert je aantal basofielen van test tot test?

Kleine verschillen tussen twee bloedafnames zijn normaal en zeggen zelden iets. Een paar gewone invloeden verklaren de meeste ervan.

  • Tijdstip. Het aantal witte bloedcellen volgt een dagritme, dus een afname in de ochtend en in de middag kan iets verschillen.
  • Seizoen en blootstelling. Het pollenseizoen, een nieuw huisdier of een recente reactie op voedsel of een medicijn kan je allergische profiel beïnvloeden.
  • Medicijnen. Corticosteroïden verlagen het aantal; sommige schildkliermedicijnen en andere middelen kunnen het verhogen.
  • Recente ziekte. De dagen tijdens en na een infectie veranderen de hele differentiatie.
  • Laboratoriummethode. Verschillende apparaten en verschillende referentiegroepen geven verschillende getallen. Een uitslag van het ene lab vergelijken met de waarden van een ander lab zorgt vaak voor verwarring.

Daarom wordt één basofielenwaarde buiten de normale waarden meestal gezien als reden om de test te herhalen, niet als conclusie. Een trend over meerdere uitslagen zegt veel meer dan één meting. Dat geldt ook voor de allergische en ontstekingsziekten waarbij basofielen een rol spelen, van astma: klachten en behandeling tot eczeem: oorzaken en behandeling.

Wanneer bespreek je je uitslag met de huisarts?

De meeste bevindingen bij basofielen vragen geen actie, behalve ze te noteren. Een gesprek met je huisarts is zinvol in deze situaties.

  • Je aantal basofielen is verhoogd bij twee of meer metingen met weken ertussen.
  • Het verhoogde aantal gaat samen met een hoog totaal aan witte bloedcellen, of met veranderingen in je rode bloedcellen of bloedplaatjes.
  • Je hebt klachten zonder duidelijke verklaring, zoals aanhoudende vermoeidheid, nachtzweten, onverklaard gewichtsverlies, jeuk zonder huiduitslag of een vol gevoel in je buik.
  • Je hebt steeds terugkerende netelroos, zwellingen of reacties op voedsel, medicijnen of insectensteken en bent nooit door een allergoloog onderzocht.
  • Je gebruikt een medicijn dat het aantal witte bloedcellen beïnvloedt en niemand heeft de uitslag in dat licht bekeken.

Als een allergische oorzaak wordt vermoed, kan je arts een gerichte test toevoegen in plaats van hetzelfde bloedbeeld te herhalen. Een voorbeeld is de tryptasewaarde in je bloed, die de activiteit weergeeft van mestcellen, de familieleden van basofielen die in weefsels wonen.

Nieuw wetenschappelijk onderzoek

Het onderzoek naar basofielen is de afgelopen drie jaar een richting opgegaan die de meeste labuitslagen nog niet laten zien. In plaats van te kijken hoeveel basofielen je hebt, wil het vakgebied steeds meer weten hoe je basofielen zich gedragen als ze een bepaalde prikkel tegenkomen. Dit is wat die verschuiving in de praktijk betekent.

De belangrijkste ontwikkeling is een labmethode die de basofielenactivatietest heet. In een methodeartikel uit 2025 in het Journal of Immunological Methods beschreven Sonder en collega’s hoe de test werkt: een kleine hoeveelheid bloed wordt gemengd met een vermoed allergeen, en het laboratorium kijkt of de eigen basofielen van de patiënt aanslaan. Wat dit voor jou betekent: je krijgt een antwoord over hoe je cellen reageren, niet alleen een getal. Een gewone differentiatie vertelt hoeveel basofielen er circuleren; deze test vraagt of ze echt reageren op pinda, sesam, een medicijn of insectengif. De auteurs schrijven dat de methode in de Verenigde Staten en een aantal andere landen al in de zorg wordt gebruikt, vooral bij voedselallergie.

Een overzichtsartikel uit 2024 in het Journal of Allergy and Clinical Immunology van Ebo en coauteurs beschrijft waar deze aanpak nu staat. Hun belangrijkste punt, in gewone taal: dit soort tests kan vaak voorspellen wat er gebeurt als iemand het voedsel of medicijn echt binnenkrijgt, en dat lukt met oudere tests minder betrouwbaar. Dat is belangrijk, omdat een onzekere diagnose traditioneel wordt beslist met een provocatietest, waarbij de patiënt het verdachte voedsel onder medisch toezicht eet. Een alternatief via het bloed bespaart sommige patiënten dat risico. De auteurs voegen eraan toe dat de methode nog niet tussen laboratoria is gestandaardiseerd, zodat uitslagen van verschillende centra niet altijd direct vergelijkbaar zijn.

Een studie uit 2026 in het tijdschrift Allergy van Foong en collega’s paste de aanpak toe bij kinderen met een mogelijke sesamallergie die een provocatietest zouden krijgen, en vergeleek die met de gewone huid- en antistoftests. Sesam is een nuttig voorbeeld, omdat de gewone tests het vaak met elkaar oneens zijn en gezinnen dan in onzekerheid blijven. Wat je eruit kunt halen: bij een voedingsmiddel waarbij de bestaande tests geen duidelijk antwoord geven, kan deze nieuwere methode helpen uitzoeken wie het echt moet vermijden. Het gaat wel om één studie in één leeftijdsgroep, dus het wijst een richting aan en is nog geen vaste aanbeveling.

Dezelfde test wordt nu ook ver buiten voeding onderzocht. Een standpunt uit 2025 van de European Academy of Allergy and Clinical Immunology, onder leiding van Pascal en collega’s in het tijdschrift Allergy, bekeek het gebruik in de kankerzorg. Patiënten reageren daar soms slecht op chemotherapie of behandelingen met antistoffen. Wat dit voor patiënten kan veranderen: het wordt mogelijk een echte allergie te onderscheiden van een ander soort reactie, zodat een waardevolle behandeling niet onnodig wordt gestopt. De auteurs noemen het vakgebied veelbelovend, maar nog in een vroege fase.

Ook bij chronische spontane urticaria is de rol van basofielen duidelijker geworden. Dat is de medische naam voor netelroos die zonder aanwijsbare oorzaak ontstaat en wekenlang aanhoudt. Een overzicht uit 2025 van Saini en collega’s in het Journal of Allergy and Clinical Immunology: In Practice beschrijft basofielen en hun tegenhangers in de weefsels, de mestcellen, als centrale spelers bij deze aandoening, waarbij auto-immuunmechanismen een groot deel van de activiteit aandrijven. Voor iemand met onverklaarde netelroos is de nuttige boodschap dat de aandoening steeds meer wordt begrepen als een afweerproces met herkenbare mechanismen, en niet als een onverklaarbaar ongemak. Behandelkeuzes worden geleidelijk door dat inzicht gevormd.

Tot slot houdt de regel met basofielen een specifieke rol bij het beoordelen van bloedkanker. Een overzicht uit 2025 over chronische myeloïde leukemie in JAMA van Jabbour en Kantarjian noemt het aandeel basofielen als een van de kenmerken waarmee de fase van de ziekte wordt beschreven. Dat moet zorgvuldig worden gezegd: het betekent niet dat een verhoogd aantal basofielen op leukemie wijst. Het betekent dat het percentage basofielen een van de metingen is die bijdraagt aan het beeld als een hematoloog al een vermoedelijke beenmergziekte onderzoekt.

Begrippenlijst

BegripUitleg
Basofiel (basofiele granulocyt)De zeldzaamste soort witte bloedcel, gevuld met korreltjes die histamine en heparine afgeven bij afweer- en allergische reacties.
BasofilieEen aantal basofielen boven de bovengrens van het laboratorium. Het komt niet vaak voor en wordt altijd samen met de rest van het bloedbeeld gelezen.
BasopenieEen aantal basofielen onder het verwachte niveau. Moeilijk te definiëren, omdat de normale waarden al tot nul lopen.
Leukocytendifferentiatie (diff)Het deel van het bloedbeeld dat de witte bloedcellen opsplitst in vijf soorten en elke soort apart meldt.
Absoluut aantalHet echte aantal van een celsoort in een vaste hoeveelheid bloed, in Nederland meestal in 10^9/L.
GranulocytEen witte bloedcel met zichtbare korreltjes. Neutrofielen, eosinofielen en basofielen horen bij deze groep.
HistamineEen boodschapperstof van basofielen en mestcellen die jeuk, zwelling en andere allergieklachten veroorzaakt.
HeparineEen natuurlijke antistollingsstof in de korreltjes van basofielen die helpt voorkomen dat bloed op de plek van een reactie stolt.
MestcelEen cel die in weefsel leeft in plaats van in het bloed en zich bij allergische reacties net als een basofiel gedraagt.
ReferentiewaardenDe band van waarden die een laboratorium normaal vindt voor een gezonde groep, vermeld naast je uitslag.

Veelgestelde vragen

Wat betekent het als mijn basofielen 0 zijn?

Voor de meeste mensen betekent het niets zorgwekkends. De ondergrens van de normale waarden voor basofielen is nul, dus een uitslag van 0 of 0,0 valt binnen de normale waarden en niet eronder. Basofielen zijn zo schaars dat een apparaat in een gewoon monster er puur toevallig geen kan vinden. Een uitslag van nul is pas het bespreken waard als je andere witte bloedcellen ook laag zijn, of als je ziek bent, corticosteroïden gebruikt of herstelt van een flinke infectie.

Wat zijn verhoogde basofielen?

Een verhoogd aantal basofielen wijst meestal op een allergisch of ontstekingsproces, een trage schildklier of een tijdelijke verschuiving na een infectie. Minder vaak, en meestal alleen als andere delen van het bloedbeeld ook afwijken, kan het een van de signalen van een beenmergziekte zijn. Eén licht verhoogde meting bij iemand die zich goed voelt, wordt normaal herhaald en niet direct uitgezocht. Pas als het hoog blijft bij herhaalde metingen, of als er klachten zijn zoals onverklaarde vermoeidheid of gewichtsverlies, volgt verder onderzoek.

Wat betekent ‘basofielen absoluut’ op mijn uitslag?

De absolute waarde is het echte aantal basofielen in een vaste hoeveelheid bloed, in Nederland meestal in 10^9/L. Het percentage ernaast beschrijft welk deel van je witte bloedcellen basofiel was. Artsen gaan meestal uit van het absolute getal, omdat een percentage al kan veranderen doordat een andere soort witte bloedcel stijgt of daalt, zonder dat het aantal basofielen verandert.

Kan ik mijn aantal basofielen verhogen met voeding of leefstijl?

Er is geen bewezen dieet, supplement of trainingsschema dat het aantal basofielen betrouwbaar verhoogt, en een laag aantal is meestal geen doel van behandeling. De aanmaak van basofielen wordt geregeld door je beenmerg en door de afweersignalen die op dat moment actief zijn. Is een laag aantal onderdeel van een breder patroon van lage witte bloedcellen, dan is het nuttig om samen met je huisarts de onderliggende oorzaak te zoeken in plaats van te proberen de basofielen direct te verhogen.

Moet ik nuchter zijn voor deze bloedtest?

Nee. Voor een bloedbeeld met differentiatie hoef je niet nuchter te zijn. Staan er ook andere bepalingen op je aanvraag, zoals glucose of cholesterol, dan kan daarvoor wel nuchter zijn worden gevraagd. Volg dus de instructies bij je aanvraag. Meld een recente ziekte, een opvlamming van je allergie en de medicijnen die je gebruikt, vooral corticosteroïden, omdat die de uitslag kunnen beïnvloeden.

Hoe snel is de uitslag bekend?

Een bloedbeeld met differentiatie is een van de snelste labtests. De uitslag is meestal binnen enkele uren tot één werkdag bekend, afhankelijk van of het bloed ter plekke wordt onderzocht of naar een ander laboratorium gaat. Ziet je arts een onverwachte uitslag, dan kan het lab het bloed ook onder de microscoop bekijken. Dat kost iets meer tijd, maar geeft een gedetailleerder beeld van hoe de cellen eruitzien.

Bronnen

  • Cleveland Clinic — Basophils: Function, Normal Range and Related Conditions — Cleveland Clinic Health Library, 2025 — my.clevelandclinic.org (Engelstalig)
  • MedlinePlus, National Library of Medicine — Blood Differential Test — MedlinePlus Medical Test, 2025 — medlineplus.gov (Engelstalig)
  • Mayo Clinic — Complete Blood Count (CBC) — Mayo Clinic Tests and Procedures, 2025 — mayoclinic.org (Engelstalig)
  • Sonder SU, Plassmeyer M, Schroeder JT, et al. — Basophil activation test; User’s manual — Journal of Immunological Methods, 2025 — doi.org/10.1016/j.jim.2025.113815 (Engelstalig)
  • Ebo DG, Bahri R, Eggel A, et al. — Flow cytometry-based basophil and mast cell activation tests in allergology: State of the art — Journal of Allergy and Clinical Immunology, 2024 — doi.org/10.1016/j.jaci.2024.11.023 (Engelstalig)
  • Foong RX, Bartha I, Boyd H, et al. — Optimising the Diagnosis of Sesame Seed Allergy With the Basophil Activation Test — Allergy, 2026 — doi.org/10.1111/all.70349 (Engelstalig)
  • Pascal M, Chauhan J, Knol EF, et al. — Basophil Activation Test: Bridging Allergy and Oncology for Diagnostic, Therapeutic and Prognostic Applications in AllergoOncology, an EAACI Position Paper — Allergy, 2025 — doi.org/10.1111/all.16607 (Engelstalig)
  • Saini SS, Asero R, Cugno M, et al. — Pathogenesis of Chronic Spontaneous Urticaria With or Without Angioedema — Journal of Allergy and Clinical Immunology: In Practice, 2025 — doi.org/10.1016/j.jaip.2025.07.025 (Engelstalig)
  • Jabbour E, Kantarjian H — Chronic Myeloid Leukemia: A Review — JAMA, 2025 — doi.org/10.1001/jama.2025.0220 (Engelstalig)
  • Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde (NVKC) — Basofiele granulocyten — Allesovertesten.nl, 2026 — allesovertesten.nl (Nederlandstalig)
  • Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde (NVKC) — Diff (leukocytendifferentiatie) — Allesovertesten.nl, 2026 — allesovertesten.nl (Nederlandstalig)
  • Star-shl — Basofielen: referentiewaarden — Labbepalingen, 2026 — star-shl.nl (Nederlandstalig)
  • UMC Utrecht, Centraal Diagnostisch Laboratorium — Basofielen in bloed — Bepalingenwijzer, 2026 — umcutrecht.nl (Nederlandstalig)
  • Nederlandse Internisten Vereniging — Normaalwaarden volledig bloedbeeld — Hematologienederland.nl, 2026 — hematologienederland.nl (Nederlandstalig)
  • Nederlandse Internisten Vereniging — Wat is hematologie? — Hematologienederland.nl, 2026 — hematologienederland.nl (Nederlandstalig)
  • Sanquin — Alles over witte bloedcellen — Alles over bloed, 2026 — sanquin.nl (Nederlandstalig)

Verder lezen

Begrijp je labuitslag met BloodSense

Een regel met basofielen heeft alleen betekenis naast de rest van je uitslag, en juist die vergelijking is lastig om zelf te maken. BloodSense leest je uitslag als geheel, zet je percentage en absolute aantal basofielen naast je neutrofielen, eosinofielen, lymfocyten en totale aantal witte bloedcellen, en legt in duidelijke taal uit wat het patroon laat zien. Zo begrijp je beter waar je naar kijkt en kom je met betere vragen naar je afspraak. Het stelt geen diagnose en vervangt je huisarts niet.

Ontvang je persoonlijke rapport binnen enkele minuten

De informatie op deze pagina is bedoeld als uitleg en vervangt geen consult bij je huisarts. Bespreek je uitslag altijd met je huisarts.